Alleenheersers bestaan niet, zelfs Trump heeft lakeien en vazallen nodig

TeunColumns & verhalen

Trump vliegtuig

Tijdens mijn geschiedenisstudie heb ik één belangrijke les geleerd. Één belangrijke les, verder niks. Medestudenten die ik er later over sprak zeiden mij dat je zoveel van een studie kunt maken als je zelf wilt. Dat heb ik onvoldoende gedaan. Maar die docenten waren ook hopeloos, futloos, ongeïnspireerd, levensmoe en wachtend op hun pensioen. Ik hoorde ze weleens onderling bespreken hoe lang ze nog moesten. 

‘Alleenheersers bestaan niet!’

Nu die belangrijke les. In een college ‘politieke theorieën van de Middeleeuwen’ ging het over machtige vorsten. U weet wel, de Merovingers en de Karolingers en noem ze allemaal maar op. Hoe kregen heersers de macht en hoe hielden ze die?

De docent, een smoezelig charmante Belg die de helft van de tijd onverstaanbaar sprak en de indruk wekte ons allemaal eigenlijk te dom te vinden om zijn analyses te mogen aanhoren, hield een lang verhaal over het verschil tussen macht en gezag, viel even stil en keek ons indringend aan: ‘Maar pas op! Alleenheersers bestaan niet!’ Stel je een koning voor die allemaal bevelen geeft en decreten uitvaardigt, waar niemand naar luistert. Dan heerst hij alleen over niemand. Een heerser, een dictator zelfs, heeft lakeien en vazallen nodig. Mensen die zijn hielen likken, zijn vuile werk opknappen en zijn propaganda verzorgen. Dat zijn óf mensen die geloven in de idealen van die heerser, óf die denken van hem te kunnen profiteren óf die bang zijn. En vaak ook een combinatie van alle drie.

Trump

Dat hebben we bij Trump ook gezien. Hij had een flinke coterie van opportunisten en angstige types om zich heen. Ik herinner mij een filmpje van een vergadering van zijn kabinet, waar iedere minister om de beurt mocht zeggen hoe geweldig The Donald was. Ze deden het allemaal. Ook Mike Pence. Gênant en misselijkmakend.

Tal van politici van de Republikeinse partij die aanvankelijk niets van hem moesten hebben, zijn op zijn zegekar gesprongen toen ze dachten van hem te kunnen profiteren. Sommigen dachten via hem hun eigen agenda door te kunnen voeren, anderen waren bang op een zijspoor te raken als ze hem niet zouden steunen. Allemaal in de naïeve veronderstelling dat je ongehavend met het beest kunt dansen. Seksistische en racistische opmerkingen, aanvallen op rechters en pers en geweld tegen betogers werden allemaal vergoelijkt. Ook bepaalde media deden er vrolijk aan mee. Gelukkig hield de rechterlijke macht moedig stand.

Een echte alleenheerser

Dit ging door tot het bittere eind, toen een deel van de Republikeinen de volstrekt ongegronde en levensgevaarlijke beweringen van Trump steunde dat hij de eigenlijke winnaar van de verkiezingen was. Daarmee waren ze medeverantwoordelijk voor de bestorming van het Capitool in Washington. Nu we de gevaarlijke consequenties ervan hebben gezien en de publieke opinie verschuift, trekken de lafbekken die Trump en het geweld van zijn aanhang mogelijk hebben gemaakt, hun handen er vanaf. Hij is nu een echte alleenheerser geworden, maar wel een met de knop van de kernbommen binnen handbereik. 

Het blijft, ook als je het verkiezingsprogramma van de PVV leest, een belangrijke vraag: waar ligt mijn verantwoordelijkheid? Vind ik het stilzwijgend goed dat er een ministerie van ‘Immigratie, Remigratie en De-islamisering’ komt en dat iedereen met een dubbel paspoort van zijn rechten wordt ontdaan? Of laat ik mijn stem horen? We bepalen samen de loop van de geschiedenis.

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant.

Deel dit verhaal

Hoe makkelijk maakt Knorr het ons eigenlijk?

TeunColumns & verhalen

Knorr Natuurlijk Lekker Chili con Carne screenshot ah

Graag wil ik Knorr vanaf deze plek hartelijk feliciteren met het winnen van de Innova Klassiek! Misschien dat u het gemist hebt, maar Knorr heeft met zijn ‘Natuurlijk Lekker’-range’ een prestigieuze prijs gewonnen.

Innova Klassiek klinkt misschien een beetje als een contradictio in terminis – hebben we hier nu met een klassieker te maken of met een innovatie?– maar daarover hebben de knappe koppen uit de levensmiddelenbranche juist goed nagedacht. Die kleine kortsluiting in de hersenen ‘hé innova, hè klassiek’ is juist goed. Dat valt op. En met een beetje goede wil is de naam ook nog juist. Het is namelijk een prijs die pas vier jaar nadat producten zijn geïntroduceerd wordt uitgereikt. Alleen als ze het in al die jaren goed hebben gedaan (‘enkel producten met een rapportcijfer 7 of hoger’) kunnen ze winnen. Een prijs voor instantklassiekers dus.

Doorzichtige dressing

Nu ben ik al jaren fan van voedselinnovaties. Het begon in mijn studententijd toen twee aantrekkelijke meisjes bij mij aanbelden om mij een slasaus te laten testen. Nu zag ik de zin van kant- en klare slasaus niet, maar de meisjes vond ik leuk. Ik gebruikte de dressing een week, vulde de vragenlijst in (‘vindt u dat de kruiden mooi door de fles verdeeld zijn?) en de meisjes kwamen terug. Ze lazen mijn antwoorden die ik zo grappig mogelijk had geformuleerd, lachten erom en vervolgens durfde ik ze, één van hen was al mooi geweest, niet om hun telefoonnummer te vragen.

Wat ik wel begreep: techneuten hadden jarenlang gewerkt aan een doorzichtige dressing waarvan de ingrediënten (kruiden) niet naar de bodem zakten, maar mooi door de vloeistof bleven zweven. Voedseltechnologen kennen onze diepste verlangens beter dan wij zelf. Aan een homogene slasaus met vrij zwevende kruiden had de consument, ik dus, kennelijk behoefte.

Perceptie

En nu pakt Knorr met de Natuurlijk Lekker-range zomaar even de Innova Klassiek 2020. Wat is er zo goed aan die range? Kevin Vermetten van Knorr legt het uit: ‘Met deze range hebben we destijds de perceptie rondom maaltijdmixen weten te verbeteren door de focus op natuurlijke ingrediënten te leggen. Ons doel is om de perceptie rondom deze categorie te blijven veranderen middels het verbeteren van onze recepturen en het introduceren van relevante nieuwe oplossingen op het schap.’

Dat is toch mooi? Kevin en zijn team hebben gewoon onze gedachten over kant- en klaarmaaltijden (sorry, dat begrip is vast heel erg oude perceptie) veranderd door het woord natuurlijk te gebruiken.

‘Makkelijk’ met Knorr

Ik zoek een Natuurlijk Lekkere chili con carne op de Albert Heijn-site en lees: ‘De met zorg geselecteerde mix bevat pure kruiden, smakelijke specerijen en grote stukken groenten die zorgvuldig zijn gedroogd. Eigenlijk precies zoals je hem zelf zou kunnen bereiden, maar dan makkelijk gemaakt door Knorr.’ Wat is een chili zonder zorgvuldig gedroogde groenten? Nou dan.

Maar hoe makkelijk maakt Knorr het ons eigenlijk? Als je op de ingrediëntenlijst kijkt, zit er voornamelijk tomatenpoeder, kruiden, zout en suiker in. Zelf moet je nog toevoegen: rundergehakt, paprika, ui, prei, tomatenpuree en kidneybonen. Waar heb je dat pakje van 1,29 euro voor 64 gram dan voor nodig? Voor de perceptie, denk ik.

Naast Knorr wonnen nog zevenentwintig andere producten de prestigieuze Innova Klassiek-award.

Afbeelding: screenshot ah.nl

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant.

Deel dit verhaal

Wat nou privacy? Geef gewoon de uitslag van de coronatest!

TeunColumns & verhalen

coronatest covid-19 test

Mijn dochter had misschien corona, zoals vrijwel iedereen de afgelopen maanden misschien corona heeft gehad. Een paar jongens uit haar klas hadden het en zij voelde zich niet zo lekker. We besloten de GGD te bellen voor een test. Dat was nog niet zo eenvoudig. We zaten in ons buitenhuisje in de Limburgse bossen waar het bereik ontzettend slecht is. Vooral met mijn telefoon. Dat had ik moeten bedenken voordat ik de coronatestlijn belde, dan had ik het toestel van mijn vrouw kunnen gebruiken.

‘Dat mag ik niet doen, meneer’

‘Ja goedendag, ik bel over mijn dochter.’

‘Hallo?’

‘Hallo, hoort u mij?’

‘Hoort u mij?’

‘Ik bel over mijn dochter…’

‘Is uw dochter in de buurt? Ze moet vanwege de privacy zelf aan de lijn komen.’

Ik haal mijn dochter: ‘Hallo, ik ben het.’ Het geluid van een jonge meisjesstem was kennelijk voldoende bewijs van haar identiteit. De GGD- man en ik vervolgden ons moeizame gesprek. Voortdurend bewoog ik mij naar andere plekken in het huis om de ontvangst te verbeteren.

‘Mag ik tot slot nog uw telefoonnummer waarop wij de uitslag kunnen doorgeven?’

Stom genoeg geef ik weer mijn eigen nummer. Alles kraakt en piept en er vallen voortdurend stiltes. ‘Kunt u mijn nummer misschien even herhalen, dan weet ik of het goed is doorgekomen?’ ‘Dat mag ik niet doen, meneer. Vanwege de privacy. Zegt u het anders nog een keer.’

Weer die privacy! Van wie? Van mijzelf toch zeker. Dan zou ik toch moeten kunnen toestaan die te schenden? Ik herhaal het nummer en hoop dat het goed in de administratie terechtkomt.

‘Mevrouw, bent u daar nog?’

Anderhalve dag nadat mijn dochter was getest, werd ik weer gebeld. Ik sprong uit bed en probeerde in mijn onderbroek de beste belplek in het huis te vinden. Uiteindelijk belandde ik in de deuropening. Het was vrij koud.

‘Hoort u mij?’, vraagt de GGD’er.

‘Hallo, hoort u mij?’, vraag ik terug.

‘Mevrouw?’

‘Meneer!’

‘Ja mevrouw?’

‘Ik ben een meneer!’

‘O sorry. Ik bel over de testuitslag van uw dochter. Is ze in de buurt?’

‘Die slaapt nog.’

De man lijkt even van zijn stuk, maar vervolgt gelukkig het gesprek. ‘Vanwege de privacy wil ik eerst een paar vragen stellen. Wat is het adres van uw dochter?’

‘Het adres in Amsterdam, of hier?’

‘Gewoon het adres van uw dochter.’

Ik geef toch maar het Limburgse adres, omdat we van hieruit de test hebben aangevraagd. Dat blijkt correct. Het valt weer stil. ‘Mevrouw, bent u daar nog?’

‘Ik ben een meneer!’ Ik schreeuw het door het huis. Inmiddels staat mijn vrouw naast mij in de deuropening met een jas. Ze maakt vreemde hoofdbewegingen naar de uitgang. Ik heb geen idee waarom. Later legt ze uit dat ik met die jas over mijn onderbroek buiten had kunnen staan voor betere ontvangst.

Stel dat

De GGD’er blijft maar vragen stellen. Alles om 100 procent zeker te zijn van de identiteit van mijn dochter. Ik herhaal mijn antwoorden drie keer voordat ze vanuit mijn Limburgse black hole zijn kantoor hebben bereikt. Na een kwartier komt het hoge woord eruit. ‘De uitslag van de test is negatief.’ Kon hij dat nu niet meteen zeggen? O nee, de privacy. Stel dat iedereen zou weten dat mijn dochter geen corona had?

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant.

Deel dit verhaal

Mijn vader werkte te hard en ik nu ook

TeunColumns & verhalen

kaarten kaartspel familie

Op de dag af twintig jaar geleden zaten we met het gezin in Spanje. Niet mijn gezin van nu, maar dat van vroeger: mijn ouders, mijn broers en ik.

Mijn vader had op een bierviltje (altijd maar weer dat bierviltje, ik vermoed dat een hoop bierviltjes spreekwoordelijk zijn) een huisje ontworpen en dat was nu net gebouwd in de bergen van Andalusië. Het was nog maar nauwelijks af, maar we móesten erheen. Mijn vader had kanker en zou bijna doodgaan. Dit zou onze laatste kerst worden. Dit wisten we toen al. Op zeven januari stierf hij en op 11 januari werd hij begraven.

Mijn beste vriend Gijs kon daar niet bij zijn, omdat zijn vrouw op dat moment aan het bevallen was van een prachtige tweeling. Leven en dood. Hoe onze levens ook op deze manier verbonden zijn ontroerde mij toen ik het vertelde tijdens mijn speech en het ontroert mij nu ook weer. Volgens mijn vrouw ben ik een ‘big softy’.

Een heilig moeten

Mijn vader was altijd aan het werk. Zelfs tijdens de laatste dagen van zijn sterfbed was hij bezig zijn foto’s (hij was fotograaf en filmmaker) te catalogiseren voor het nageslacht. Hij móest dingen maken. Het werk was misschien wel belangrijker dan het leven zelf. Die mensen heb je meer. Een heilig moeten. Kunstenaars, politici, wereldverbeteraars.

Vaak geven ze rationele verklaringen voor hun werkijver en onverzettelijkheid: ‘Ik kan niet tegen onrecht’ of ‘De wereld moet dit zien’. Ik geloof ze.  Ze zijn zelf vast overtuigd van hun verklaring voor hun ijzerenheinig werkijver. Die zal deels ook kloppen, maar er is meer. Een psychologisch gemis dat voor lezers, bewonderaars en aanhangers minder interessant is: het gevoel als persoon niet genoeg te zijn. Je waarde in de wereld te moeten bewijzen via je werk. Ik vermoed dat mensen die het leven willen verslaan, vaak een gat in de ziel hebben.

Nooit is het genoeg

Misschien projecteer ik. Zonder het ooit gewild te hebben, ben ik ook zo geworden. Geen groot kunstenaar, maar wel iemand die zich steevast moet bewijzen. Om iets waard te zijn. Misschien om postuum de aandacht te krijgen van de altijd werkende vader? Nooit is het genoeg. Ik ben altijd aan het werk en als ik niet aan het werk ben, maak ik plannen voor nieuw werk. Eeuwige onrust. Wat betekent dit voor mijn kinderen? Gaan ze later hun gebrek aan aandacht van hun vader ook weer compenseren? Zitten we in een eindeloze neerwaartse Van de Keuken-spiraal?

Voor mijn kinderen wens ik iets anders

Als je naar een foto kijkt weet je soms niet meer of je je de gebeurtenis op die foto zelf herinnert, of dat je alleen de afbeelding ervan nog kent. Dat gevoel heb ik met het werk van mijn vader. Daar is heel veel van. Maar veel echte herinneringen aan hemzelf, lachend aan de keukentafel of dansend met mijn moeder (ook maar romantisch verzonnen beelden) heb ik niet.

Dat maakt mij verdrietig. Voor mijn kinderen wens ik iets anders. Zodra dit stukje af is, ga ik met ze kaarten. En proberen niet boos te worden als ik verlies. Creating memories, zeggen de suikerzoete influencers op Instagram. Misschien hebben ze een punt. 

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant.

Deel dit verhaal

Ik raak altijd alles kwijt, dus ben veroordeeld tot goedkope meuk

TeunColumns & verhalen

Kerstmis vind ik veel leuker dan Sinterklaas. Met Sinterklaas moet je gedichten schrijven en voorwerpen knutselen om cadeautjes in te verbergen (de zogenaamde surprises) en daaraan heb ik een broertje dood. Waarom zou je creatief doen zonder er flink voor te worden betaald?

Gek op cadeautjes

Als ontvanger vind ik al die rijmelarijen en gefiguurzaagde chocoladerepen (hé, origineel!) ook een kwelling. Heel veel poespas, terwijl het wat mij betreft toch allemaal om maar één ding draait: de cadeautjes!

Ik ben gek op cadeautjes. Hoe meer ik er krijg, des te blijer ik word. En dan gaat het mij niet eens om het sympathieke gebaar. Als mensen een berg presentjes voor de deur zouden storten (dat is dan eigenlijk wel weer Sinterklazig), dan zou ik er ook verguld mee zijn.

Jaloezie

Bij mijn schoonfamilie in Engeland hadden ze de cadeautjesceremonie uitgebeend tot de naakte essentie: de kinderen zochten onder de boom naar pakjes met de namen van de verschillende aanwezigen – mijn pleidooi om ze bij voorbaat al op alfabet te leggen om het proces te versnellen, vond vreemd genoeg geen weerklank – en deelden ze uit. In moordend tempo werden de verpakkingen opengescheurd, er werd iets van dank geroepen – ‘Thanks, love that book! ’ ‘Thanks, great socks!’ – en de volgende ronde kon beginnen.

Na een kwartier stonden er twee vuilniszakken met inpakpapier – er werd ook lekker efficiënt tussentijds opgeruimd – en had iedereen een grote stapel geschenken voor zich. Dat de kleine kinderen veel meer cadeaus hadden gekregen dan ik, stak wel. Met moeite wist ik mijn jaloezie te verbergen. Ik wil nu eenmaal altijd veel cadeaus.

Ondanks mijn licht verholen jaloezie, streelde ik mijn nieuwe sjaal en kon niet wachten de nieuwe Wellington boots in te lopen. En dan die prachtige lamswollen wanten! Ik zag een mooier en beter leven voor mij.

De vlekkenkoning

Maar nu komt het: het heeft helemaal geen zin om mij dit soort cadeaus te geven. Ik raak namelijk altijd alles kwijt en wat ik niet kwijtraak, maak ik kapot of vies. Mijn bijnaam thuis is De Vlekkenkoning. Elke nieuwe trui heeft binnen een week óf een gat óf een vlek op een uitermate zichtbare plek.

Ik word daar heel verdrietig van, want in mijn verbeelding ben ik een gesoigneerde man die er altijd picobello uitziet. Een dandy misschien zelfs wel. Maar het lukt niet. Ik ben een sloddervos.

Collega’s vissen voortdurend sjaals, handschoenen en zonnebrillen uit hun auto’s. Áls ze die verrukkelijke accessoires al terugvinden. Het meeste raakt kwijt en blijft kwijt.

Thuis durf ik het niet te vertellen. Maar op een gegeven moment ziet mijn vrouw toch dat ik twee linkerhandschoenen aan heb. Dan volgt steevast een geïrriteerd betoog dat ik beter op mijn spullen moet letten. Ik kan het slechts beamen.

Veroordeeld tot goedkope meuk

Er is een school die pleit voor dure brillen en dure handschoenen. Als spullen te mooi en kostbaar zijn, dan zou je ze niet kwijtraken. Gaat voor mij niet op. Ik ben een fortuin aan peperdure waar verloren. En dat is extra pijnlijk, want ik ben liefhebber en voorstander van kwaliteit die een leven lang meegaat. Maar voor mij is dat niet weggelegd.

Ik ben veroordeeld tot goedkope meuk, waarschijnlijk gemaakt onder erbarmelijke omstandigheden door piepjonge kinderen. Because I’m not worth it.

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant.

Deel dit verhaal

De wetenschap verliest invloed: marketing wint het vaak van de waarheid

TeunColumns & verhalen

kikker wetenschap bestanden rapport

Op basis van een totaal niet representatieve steekproef (mooi moment om even parmantig ‘N=1’ te roepen), ben ik tot de conclusie gekomen dat de wetenschap aan invloed inboet. Er zijn heus wel meer algemene aanwijzingen voor mijn stelling te vinden, zoals viruswaanzin, antivaxxers en fake news. Maar die laat ik lekker liggen om door andere columnisten te worden opgeraapt. Laat mij maar over mijn particuliere ervaring vertellen.

‘De klant wil het’

Onlangs had ik een bedachtzame wetenschapper voor de camera. Een man die over de dingen had nagedacht en dat nog steeds deed. Ook tijdens het interview. Na elke vraag leek hij geestelijk even te vertrekken. Hij verzonk in diep gepeins, om na een halve minuut op aarde terug te keren met een uitermate uitgebalanceerd antwoord. De zaken waren ingewikkeld en in plaats van ze te vereenvoudigen, zocht hij naar woorden om ze in al hun complexiteit aan mij te presenteren.

Zulke mensen zie je zelden op televisie. Programmamakers willen liefst heldere verhalen vertellen die voor de kijkers volstrekt duidelijk zijn. Geen enerzijds, anderzijds, maar: zo zit het. Hiervoor wordt hetzelfde argument gebruikt dat fabrikanten hanteren als ze te ongezonde, te milieuonvriendelijke of mensenrechtenschendende producten op de markt brengen: de klant wil het. Maar heeft iemand de klant ooit gevraagd wat hij wil? Staat het vast dat kijkers bij een vleugje nuance meteen vol walging de televisie uitzetten? Het zouden ook zomaar aannames kunnen zijn, die de kijkers onderschatten.

Nietszeggende dooddoeners

Voor ik genuanceerde wetenschappers ga ophemelen, even een nuance over de nuance. Wetenschappers die je voor de camera haalt zijn vaak ook heel irritant. Een beetje bangig. In gesprekken met redacteuren doen ze de ene ferme uitspraak na de andere. Maar als je eenmaal met een ploeg bent uitgerukt en de cameraman op het knopje van zijn toestel heeft gedrukt om de opnames te starten, komen er opeens alleen maar nietszeggende dooddoeners uit als: ‘Dat kun je niet helemaal zo zeggen’ en ‘Het gaat ook heel vaak wel goed.’ Daar heb je niks aan. Dat is geen nuance, maar angstig ontwijkingsgedrag. Doe dan ook niet zo stoer voor het interview!

Wetenschappers zijn vaak bang om iets controversieel te zeggen en kritiek van de vakbroeders te ontvangen. De geleerden die wel vlot en onbevreesd formuleren zien we daarom keer op keer op televisie.

Het gaat om de marketing

Maar goed. Terug naar mijn wetenschapper. Hij had in opdracht van een ministerie onderzoek gedaan naar een materiaal dat schadelijk zou kunnen zijn voor het milieu. In een rapport van honderd pagina’s vol ingewikkelde analyses, cijfers en grafieken legde hij uit dat er stevige maatregelen genomen moesten worden. Uiteindelijk gebeurde er met dat rapport – waar de minister dus opdracht toe had gegeven – helemaal niks.

Waarom niet? Omdat de ambtenaren van het ministerie, volgens mijn wetenschapper, nauwelijks in staat waren het rapport te lezen. Alle slimme mensen waren wegbezuinigd. Niemand had zin in zijn zware en ingewikkelde stuk. Bovendien zaten de bedrijven die het schadelijke materiaal wilden gebruiken ook aan tafel bij het ministerie. Die stuurden hun beste PR-mensen naar de vergaderingen, maakten mooie full colour folders en wisten de ambtenaren met simpele, mooie praatjes en plaatjes om de vinger te winden. Het gaat vaak niet meer om de waarheid, het gaat om de marketing. Die laatst wint bijna altijd.

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant.

Deel dit verhaal

Groenlinks, blijf van de volkstuinen af!

TeunColumns & verhalen

tomaten volkstuinen man

Waar is GroenLinks in Amsterdam mee bezig? Nu moeten de volkstuinen weer aangepakt worden. De simpele genoegens van gewone luyden op te dure grond is kennelijk een doorn in het oog.

Volkstuinen of villa’s

Die grond moet verkocht worden. Daar moeten villa’s op voor rijke mensen. De markteconomie moet op volle toeren blijven draaien. Weet u nog dat we het na corona anders zouden gaan doen? Minder jachtig, meer aandacht voor wat echt waardevol is, voor cultuur, natuur en elkaar? Meer mens, minder markt?

Niet dus. Niet in Amsterdam en niet bij GroenLinks-wethouder Marieke van Doorninck.

Het plan van GroenLinks is om de huren van de volkstuinen fors te verhogen. Huren voor tuinen waar je ook kunt slapen, stijgen met 500 procent. En de zogenaamde nutstuinen – u weet wel, die sympathieke moestuintjes in een woonwijk waar buren elkaar kunnen ontmoeten en samen groente verbouwen – zelfs met 800 procent.

Tuinders betalen inderdaad weinig huur, maar ze doen wel veel: ze verbouwen bloemen, planten, groente en fruit en onderhouden gezamenlijk het hele volkstuinencomplex. Daar gaan vaak duizenden manuren vrijwilligerswerk inzetten. Werk dat de gemeente nooit op dezelfde manier zou kunnen. Dat levert een formidabele biodiversiteit op. Maar weinig geld. Dat vindt de gemeente vervelend.

Mijn eigen volkstuin

Nog niet zo lang geleden had ik zelf een volkstuin. De minisamenleving waarin ik daar leefde, was behoorlijk ideaal. Oude mannetjes en vrouwen staken al hun vrije tijd in het mooi houden van het complex. Jongere leden spanden zich in om het verenigingsleven bloeiend te houden. Als ik er op zondagochtend kwam, hoe vroeg het ook was, trof ik het geweten van Amstelglorie al op de tractor: Wim Hemker. Over de tachtig en nog steeds razendactief.

Buren gaven elkaar stekjes en advies. Jaarlijks waren en zijn er activiteiten op het gebied van kunst en muziek en in het schrijvershuisje waar Jan Wolkers prachtige boeken schreef, logeren regelmatig gastschrijvers om aan hun eigen proza of poëzie te werken.

Proseccotuinders

Tuinieren maakt de mens zacht. Tuinieren is gezond. Onbewust of bewust voel je weer even je plaats in de schepping. Mensen hebben groen nodig. En we kunnen heel vaak praten over ontmoeten – mijn hemel, wat zijn daar veel beleidsstukken over geschreven – maar in die tuinen gebeurt dat. En dan wordt het groen ook nog eens onderhouden. Wat een soortenrijkdom vind je bij die tuinen!

Jaren geleden streed ik al met mijn medetuinders voor het behoud van Amstelglorie. Dat werd toen ook bedreigd. Ons werd verweten yuppen te zijn. Proseccotuinders.

Groenlinks is niet links en niet groen

Maar voor een groot deel van de tuinders is hun tuin pure noodzaak. Een huis met tuin in de stad kunnen zij zich niet veroorloven. Ze wonen in kleine huisjes en zijn blij dat ze op de volkstuin met hun handen in de aarde kunnen wroeten en de buitenlucht kunnen ruiken.

Wie denkt u dat de dupe wordt van deze krankzinnige huurverhoging? De proseccotuinder? Natuurlijk niet. Die trekt zijn portemonnee wel. Het zijn de armlastigen die straks van hun tuintjes worden verjaagd. De AOW’ers die de hele zomer bij hun tuin wonen. De vrijwilligers die in hun buurt een pluktuin hebben gemaakt om het contact met de buren te verbeteren.

Zoals Old Amsterdam-kaas niet oud is en niet uit Amsterdam komt, is GroenLinks niet links, en niet groen.

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant.

Deel dit verhaal

Albert Heijn, maak het assortiment écht gezonder

TeunColumns & verhalen

vanillevla AH suiker

Marit van Egmond, topvrouw van Albert Heijn beweerde in een interessant interview in deze krant dat het ‘heel veel gezondheidswinst oplevert als wij één klontje suiker uit de vanillevla halen’. Dat komt vooral omdat haar bedrijf heel groot is: ‘In Nederland liggen onze producten dagelijks op gemiddeld vijf miljoen bordjes. Dat geeft verantwoordelijkheid. Die zit in het Albert Heijn-dna.’

Dat snap ik. Als Albert Heijn iets aan het assortiment verandert, dan beïnvloedt dat wat er op vijf miljoen bordjes ligt. Hoezo ‘bordjes’, trouwens? Iedereen boven de zes, eet van een bord, niet van een bordje.

22,5 suikerklontjes!

Nu dan die vla en die suiker. Is de gezondheidswinst inderdaad, zoals de topvrouw beweert, heel groot als je één suikerklontje minder in de vanillevla doet? Nou nee. In een literpak vanillevla van Albert Heijn zit 90 gram suiker. Dat zijn 22,5 suikerklontjes. Een gigantische hoeveelheid. Als je daar één klontje van afhaalt dan is de gezondheidswinst dus, hou je vast !, 4 gram minder suiker per liter vla. Je houdt dan 21,5 klontje, of te wel 86 gram suiker over. Laten we dat nog eens omrekenen naar de portiegrootte. Volgens Albert Heijn bestaat een portie uit 150 gram. Een literpak met 90 gram suiker heeft per portie 13,5 gram suiker, bij één klontje minder is dat 12,9 gram. Dat is 0, 6 gram minder! Heel veel gezondheidswinst? Mwah.

Marit van Egmond is verantwoordelijk voor vijf miljoen bordjes

Nu lijkt dit misschien gezever, maar dat is het niet. Marit van Egmond is per slot van rekening dagelijks verantwoordelijk voor vijf miljoen bordjes. Om haar nog eens te citeren: ‘Dat geeft verantwoordelijkheid.’ Helaas verschijnt er op die bordjes vaak te zout, te zoet en te vet eten. Dat leidt tot problemen. Ruim de helft van de Nederlanders heeft overgewicht, bijna 15 procent heeft obesitas en ruim 1 procent zelfs morbide obesitas. Van de kinderen tussen de 4 en 18 lijdt 13,2 procent aan overgewicht. We zien nu dat juist mensen met overgewicht zwaar worden getroffen door corona.

Supermarkten kunnen veel doen om hun klanten gezonder te maken. Uiteraard door het assortiment aan te passen, maar ook door geen snoepgoed bij de kassa te verkopen, in de reclamefolders gezond voedsel te promoten en geen kidsmarketing voor rotzooi te bedrijven, maar wel voor gezonde dingen. Op basis van de inspanningen die supermarkten leveren om de klanten gezonder te laten eten, maakte onderzoeksstichting Questionmark in samenwerking met de Alliantie Voeding voor de Gezonde Generatie een ranglijst. Albert Heijn, van de vla met vier gram minder suiker, bungelt in die lijst ergens onderaan. Ekoplaza Lidl, Dirk en Coop zijn voorlopers, Jumbo middenmoter en Albert Heijn wordt samen met Plus en Aldi als achterblijver gekwalificeerd.

Maak Nederland gezonder!

Beste Marit van Egmond, met dat verhaal over die vla sloeg u de plank mis. Kan gebeuren. Maar u heeft gelijk: u verkoopt dagelijks vijf miljoen bordjes voedsel en daarmee heeft u invloed. Macht. En, zoals u zegt, verantwoordelijkheid. Neem die verantwoordelijkheid en gebruik die macht! Doe groente en fruit in de aanbieding, promoot gezond voedsel en geen snoep, chips en koek, zeker niet voor jonge kinderen. Haal de repen weg bij de kassa. Maak het assortiment écht gezonder. Word de gezondste supermarkt van Nederland en maak Nederland gezonder!

Afbeelding: literpak AH vanillevla, screenshot van website ah.nl

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant.

Deel dit verhaal

Dat de mens tot onbevattelijke schoonheid in staat is, ontroert diep

TeunColumns & verhalen

orkest schoonheid partituur

De afgelopen week kan publicitair gerust een christelijke week genoemd worden. Of je dat toeval moet noemen of voorzienigheid, hangt van je levensovertuiging af. Fraai was het in ieder geval niet wat  de confessionelen ons voorschotelden.

Antihomoverklaring

Zo hadden we de CU-minister van onderwijs Arie Slob, die vond dat scholen ouders best mochten vragen een verklaring te ondertekenen waarin ze homoseksualiteit afkeuren, áls ze maar wel voor een veilig klimaat op school zorgen. De Kamer pikte het niet en legde de minister uit dat die twee dingen niet samengaan. Een homoseksuele jongen of meisje zal zich op die school namelijk helemaal niet veilig voelen. En dankzij die door de ouders ondertekende antihomoverklaring thuis ook niet.

Uiteindelijk beloofde de minister nog eens kritisch naar de verklaringen te gaan kijken: ‘Ik ga heel sec kijken: wat staat daar nou precies in? En hoe verhoudt dat zich tot een veilige schoolomgeving. Als dat niet zo is, moet de tekst worden aangepast.’ Ik ben reuze benieuwd hoe je een antihomoverklaring zo kunt formuleren dat hij bij een veilige school past.

Fokpremie van de SGP

Ook deze week presenteerde de SGP zijn kandidatenlijst voor de komende verkiezingen. Hoewel de partij zelf zegt te hebben gestreefd naar ‘een goede verdeling van achtergronden’ ziet de lijst er precies zo uit als we van de partij gewend zijn: allemaal mannen, allemaal wit, vrijwel allemaal behoorlijk oud. In de top 5 – zoveel komen er niet eens in de kamer – zit niemand onder de veertig. Belangrijk voorstel van de partij is een fokpremie: geef iedereen die een vierde kind krijgt, een subsidie van duizend euro. Daarmee ‘kunnen ze bijvoorbeeld de aanschaf van een gezinsauto betalen’. Precies wat we nodig hebben in een overvolle opwarmende wereld: grote gezinnen en grote gezinsauto’s.

Sinterklaasjournaal

En dan was er op de valreep nog ophef over het Sinterklaasjournaal. Deze keer niet over de kleur van de Pieten, maar over een flauw grapje. Er was een item opgenomen in het (fictieve) plaatsje Kruisigem. In beeld zagen we een Christus aan het kruis. Gert-Jan Segers van de ChristenUnie werd er niet vrolijk van: ‘De @OmroepNTR zegt er speciaal voor iedereen te zijn, maar blijkbaar niet voor Christelijke gezinnen. Het mag. Maar respectvol is het niet.’ Dus de NTR moet in elk programma alle mensen ontzien, anders is de NTR niet de omroep van iedereen?  Trek in, die lange tenen, Gert-Jan.

Schoonheid

De kerken bleven tijdens deze hele coronacrisis open en zaten soms zelfs  stampvol. Gelovigen vinden hun geloofsbeleving uniek en wezenlijk. En dat is voor hen ook zo. Maar als atheïst kan ik ook religieuze ervaringen hebben die mijn ziel verrijken.

Wanneer ik de onmetelijkheid van de natuur ervaar, of schoonheid voel die mijn verstand niet kan bevatten, dan kan ik – zonder dat ik denk dat er ‘iets is’ net zo in vervoering raken als iemand die uit de maat zingt in een nieuwbouwkerk: de eerste zin van Der Mann ohne Eigenschaften, een briljante pass van Ziyech, de lange stilte in het Concertgebouw na de laatste noten van de Negende van Mahler, die aanhield totdat Haitink zijn baton met een klap op zijn lessenaar legde. Dat de mens tot zulke onbevattelijke schoonheid in staat is, ontroert diep. Spiritueel, religieus. Ik huil omdat ik zoveel moet missen.

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant.

Deel dit verhaal

Een gepersonaliseerd nummerbord moet stemmen trekken voor de VVD

TeunColumns & verhalen

nummerplaat nummerbord kenteken alaska beer

Terwijl iedereen de blik had gericht op de historische ontwikkelingen in Pennsylvania, Georgia, Nevada en Arizona, vond er in de Nederlandse politiek ook een aardverschuiving plaats. Het nieuwe verkiezingsprogramma van de VVD kwam uit. Dat de partij hierin een ruk naar links maakt, een grotere rol voor de overheid ziet weggelegd, de minimum­lonen omhoog wil en de maximumhuren voor minima omlaag, is al genoeg besproken. Inclusief de wat viezige opmerking van medeopsteller van het programma en fractievoorzitter Klaas Dijkhoff dat de VVD niet links was geworden, maar ‘warm rechts’. Daar krijg je beelden bij, maar geen fijne beelden. 

Rechtse VVD, linkse VVD

Ook dat Mark Rutte met een vleugje zelfspot en een scheutje frustratie in het voorwoord schreef dat je deze nieuwe inzichten ‘ook visie zou kunnen noemen’, ­behoeft niet veel meer aandacht. Het schijnt dat de ­premier spijt heeft van zijn opmerkingen dat je voor ­visie maar naar de oogarts moest. Daardoor zouden de mensen ten onrechte kunnen denken dat hij een figuur zonder diepgang zou zijn. En nu heeft hij opeens wel ­visie? En die visie is links? Dus de rechtse VVD kon het zonder en de linkse VVD heeft er wel een? Wat zegt dat? 

Autootje pesten

Maar dat is niet het interessantst aan dit verkiezingsprogramma. Het interessantst is het revolutionaire voorstel een nieuwe nummerplaat in te voeren. Dit plan moet de partij veel stemmen opleveren. Dat zal ik uitleggen.

Jarenlang konden snelheidsduivels en asfaltfetisjisten rekenen op de VVD. Elke vorm van autootje pesten werd door de partij met verve bestreden. De heilige koe is tenslotte geen melkkoe! Toen de maximumsnelheid werd verhoogd naar 130 waren VVD’ers euforisch. Toen die terug moest naar 100 – voor het verdomde milieu nog wel – meldde Rutte met grafstem dit zelf ook ‘een rotmaatregel’ te vinden.

Ik kan mij nauwelijks voorstellen dat iemand zijn stem op zo’n pietluttig onderwerp baseert, maar de Heer heeft vreemde kostgangers. In ieder geval wist de autoliefhebber tot voor kort één ding zeker: de vroemvroempartij staat voor visieloos scheuren over een geheel geasfalteerd Nederland. 

Persoonlijk kenteken

Die zekerheid lijkt ons door het nieuwe verkiezingsprogramma opeens niet meer zo zeker. De VVD wil ­namelijk kilometerheffing gaan invoeren. Kilometerheffing! Dat wordt duur in de file staan voor de achterban. Onvergeeflijk. Gelukkig geeft de partij er iets voor terug: ‘Autobezitters mogen voortaan tegen betaling een persoonlijk kenteken gaan samenstellen.’ Een persoonlijk kenteken! Dat is een nummerplaat waar geen willekeurige cijfer-lettercombinatie op staat, maar een geinige, zelfbedachte naam. Wie wil dat nou? Veel betalen voor weinig.

In landen waar ze deze personalized license plates al hebben, rijden er voornamelijk patjepeeërs mee rond, die zo veel geld hebben dat ze bij God niet weten waaraan ze het moeten uitgeven. En dat via hun nummerplaat graag aan de medemens willen laten zien. Hoe zou zoiets nu populair kunnen zijn bij de achterban van de VVD?

De achterban van de VVD!

O, wacht. De achterban van de VVD! Die is bereid elke maatregel te accepteren in ruil voor een stukje metaal voor- en achterop de auto waarmee je de buurman de ogen kunt uitsteken. Briljant plan om het rekening­rijden zo aan de aanhang te verkopen.

Terwijl de grootste partij van Nederland zijn revolutionaire ideeën aan het volk presenteerde, werd in Pennsylvania geschiedenis geschreven.

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant.

Deel dit verhaal