Hopelijk is de motie ‘Red het koffertje’ van milieuridder Joost Eerdmans het begin van een groenere koers

TeunColumns & verhalen

Kermit de Kikker zit in een oude geopende koffer en neemt afscheid

Niet lang voordat de krankzinnige complotfascist in de Tweede Kamer zijn misselijkmakende tirade tegen minister Kaag afstak, liet de minister van Financiën het beroemde koffertje van de Miljoenennota zien bij Jinek. De talkshowhost vroeg op aangeven van politiek duider Joost Vullings of het klopte dat het koffertje gemaakt is van kippenleer. Kaag wist het niet (mijn eenvoudige speurwerk levert geitenperkament als koffertjesbasismateriaal op), maar bracht wel het nieuwtje dat deze financiënvalies ‘na vijfenzeventig jaar’ plaats moet gaan maken voor een ‘duurzamer’ exemplaar.

Voor ik terugkom op deze verduurzaming een enkele kniesooropmerking: het gebruik van koffertjes bij de presentatie van de Rijksbegroting is inderdaad vijfenzeventig jaar oud. Lieftinck is daar in 1947 mee begonnen. Maar dat was met een ander koffertje dan dat van Kaag. Het huidige exemplaar is sinds 1964 in gebruik, dus achtenvijftig jaar. Nog steeds lang.

Lege gebouwen en antiaanbaklaagpannen

Nu die duurzaamheid. Ooit maakte ik een televisieprogramma over bedrijven die hun oude kantoren leeg achter lieten om elders prachtige glimmende nieuwe bedrijfspanden te laten neerzetten. Heel duurzame gebouwen. Daar pochten de bazen in hun spiegelpaleizen op zichtlocaties maar wat graag mee. Er werd aan tal van milieunormen voldaan, er waren keurmerken en soms zelfs enkele internationale awards om te onderstrepen hoe groen en geweldig de nieuwe gebouwen waren. Dat de oude panden ergens op een treurig bedrijventerrein stonden te verstoffen, kon niemand iets schelen. Je moet de verkwisting van het oude gebouw natuurlijk niet optellen bij de algehele duurzaamheidsimpact, hè. Oud pand uit het oog en hart, nieuw pand een milieuwonder!

Met antiaanbaklaagpannen was iets vergelijkbaars aan de hand. De Keuringsdienst van waarde liet in een uitzending zien dat er giftige stoffen (pfas) kunnen vrijkomen als die te heet worden, krassen of anderszins beschadigd raken. Het gevaar voor de gebruiker van die pannen lijkt mee te vallen. Het grotere probleem is dat als de stoffen vrijkomen, ze nooit meer uit het milieu verdwijnen. Na de uitzending deden mensen massaal hun pannen weg. Ook als ze niet waren beschadigd. Stom, zeker omdat die pannen niet bij het chemisch afval belanden, maar bij het gewone restafval. Je kunt zo’n pan beter blijven gebruiken totdat er iets aan mankeert.

We kopen geen nieuwe spullen, we repareren de oude

Een koffer is geen gebouw of gifpan, maar toch. Als spullen geen schade aanrichten, is het duurzamer ze helemaal op te gebruiken, dan ze te vervangen door verantwoorder alternatieven. Beter een oude of tweedehands broek, dan een nieuwe van biologisch katoen. Dus ook geen nieuwe koffer, maar deze nog minstens honderd jaar bij de presentatie van de Miljoenennota tevoorschijn toveren. Iedere keer als hij van ellende uit elkaar dreigt te vallen, lap je hem op. Als het geitenperkament scheurt, vervang je het door vlas of hennep, maar tot die tijd moeten we het doen met het tere dierenhuidje.

Daarmee geef je als minister van Financiën, zeker in tijden van crisis, het juiste signaal af: we kopen geen nieuwe spullen, we repareren de oude. Werp de wegwerpmaatschappij weg, koop minder spullen! Zuinigheid begint bij de minister. Inmiddels heeft een meerderheid van de Tweede Kamer de motie ‘Red het koffertje’ van milieuridder Joost Eerdmans aangenomen. Hopelijk is dit het begin van een groenere koers van hem en de rest van de kamer. Dan kunnen we er op vertrouwen dat hier totaal geen politieke bijbedoelingen in het spel waren.

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant

Deel dit bericht

Kom maar op met die linkse fusiepartij

TeunColumns & verhalen

Twee handen die samen twee puzzelstukjes in elkaar steken

Ruim drie maanden geleden beloofde het een spannende dag te worden voor de Nederlandse politiek. De VVD en de PvdA hielden een partijcongres en GroenLinks zou de uitslag van een ledenraadpleging bekendmaken. Over de liberalen bestond vooraf weinig opwinding: de Grote Gladstrijker zou elke kritiek lachend wegmasseren en ervoor zorgen dat de leden van zijn partij hem steunden.

Het draaide zaterdag 11 juni allemaal om die twee linkse partijen. Zouden die nu eindelijk besluiten tot verregaande samenwerking? Zouden ze instemmen met het plan voor een gezamenlijke lijst voor de Eerste Kamer? En zouden ze – dat kwam niet ter stemming, maar er werd wel over gemijmerd – misschien zelfs ooit fuseren?

Over de linkse samenwerking had niemand het meer

Het liep allemaal een beetje anders. Goed, de linkse partijen stemden massaal voor samenwerking (80 procent GL, 77 procent PvdA), maar de aandacht ging onverwachts toch naar de VVD. De Gladstrijker had zijn dag niet, hield geen vlammende speech om het op te nemen voor zijn minister die thuis was opgezocht door boze boeren en zag het congres een motie aannemen tegen het stikstofbeleid van het kabinet. Geen regie, geen leiderschap, wel gebakken peren. Sindsdien strompelt het kabinet van crisis naar crisis. Over de linkse samenwerking had niemand het meer.

En nog steeds niet. Nou ja, behalve dit dan: ‘Het opzetten van een gezamenlijke lijst blijkt op te veel statutaire en praktische problemen te stuiten, zo hebben we na nauwkeurig uitzoekwerk moeten concluderen.’ De gezamenlijke lijst van GL en PvdA voor de Eerste Kamer komt er dus niet. Vanwege ‘statutaire en praktische problemen’. Echt? Als je het echt wilt, kun je praktische en statutaire problemen ook oplossen. Of ligt bij deze linkse partijen alles voor de eeuwigheid onwrikbaar vast?

Links hoor je nauwelijks

Het is evengoed jammer. Dit land barst van de problemen, waarop de antwoorden alleen maar óf het lethargische laissez-faire-marktdenken van het kabinet, óf reactionair, extreem-rechts xenofoob lijken te zijn. Links hoor je nauwelijks. Geen wonder dat mensen die echt niks van Rutte moeten hebben toch bidden dat hij in het zadel blijft. Omdat het alternatief ze nog erger lijkt.

Dat is idioot, maar ook begrijpelijk. Omdat links het alternatief niet biedt. Omdat partijen met een lange traditie liever hun identiteit willen behouden en zwelgen in het eigen gelijk dan samen een groot links alternatief te bieden. Een alternatief dat ervoor zorgt dat energiereuzen geen megawinsten maken terwijl burgers hun gasrekening niet kunnen betalen. Dat ervoor zorgt dat personeel niet wordt uitgebuit met lullige contractjes. Een alternatief dat ervoor zorgt dat het goed gaat met de natuur én dat boeren met minder dieren een goed salaris kunnen verdienen. Een alternatief dat burgers gelijke kansen en goed onderwijs geeft. Een alternatief dat weer aan ouderwetse volkshuisvesting gaat doen. Een alternatief dat het eigen slechte beleid niet afwentelt op asielzoekers die verschrikkelijke oorlogen zijn ontvlucht.

Nostalgie

Zo moeilijk is het niet. In de (ja ja, ik weet het) peilingen zijn GL en PvdA samen nu al de tweede partij van het land. Met een sterke lijst en een nieuwe lijsttrekker (Moorman?) kan zo’n nieuwe partij zomaar de grootste worden. Moeten PvdA en GL wel even durven en niet blijven hangen in nostalgie.

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant

In een eerdere versie van deze column stond dat de leden van GroenLinks en de PvdA hadden ingestemd met een gezamenlijke lijst voor de verkiezingen. Dat is niet het geval. De lijsten zouden pas na de verkiezingen worden samengevoegd.

De publieke omroep verwart kijkcijfers met kwaliteit

TeunColumns & verhalen

Hand richt afstandsbediening op een televisie met bankbiljetten in beeld

Toen ik honderd jaar geleden bij de VPRO werkte, werd er schaterlachend verteld dat ze bij andere omroepen belang hechtten aan kijkcijfers. De vrijzinnig protestanten keken niet alleen op de cijfers neer, ze wísten niet eens hoeveel mensen er naar hun programma’s hadden gekeken. Dat beweerden ze in ieder geval. Zelfs mensen die uitermate populaire uitzendingen maakten, hadden het nooit over de kijkcijfers. Dat vonden ze ordinair.

Zoals je nu een serie aan een vriend aanprijst

Ze waren daar dan ook een tikkeltje arrogant. Maar prettig was het ook. Er was bij die omroep geen baas te vinden die de medewerkers op slechte cijfers aansprak. Waar hadden ze het dan wel over? Over de kwaliteit van de programma’s. Of ze goed in elkaar zaten, mooi waren gedraaid, interessant of spannend waren, tot nadenken stemden, iets nieuws vertelden – noem maar op. Zoals je nu een serie aan een vriend aanprijst. Of een boek. Dat het heel goed geschreven is en grappig of spannend is. Dat het wat traag op gang komt, maar dat je wordt beloond als je doorleest. Of, als je het niet goed vindt, dat het krakkemikkig is geschreven, de structuur warrig is en de personages eendimensionaal en ongeloofwaardig.

Maar nooit zeg je: ‘Lees dit boek, want het wordt heel veel gekocht.’ Dat is leuk voor de schrijver, maar voor de lezer volstrekt oninteressant.

Hoe meer kijkers, hoe meer inkomsten

Bij de televisie gebeurt dat inmiddels wel. Daar wordt succes (goede cijfers) verward met kwaliteit. Zelfs een vooraanstaand televisiecriticus als Angela de Jong serveert programma’s regelmatig af omdat ze ‘slecht scoren’. Alsof het aantal kijkers bepaalt of het programma goed is. Dan is de McDonald’s ook het beste restaurant van Nederland.

Alleen bij de commerciële televisie is deze houding begrijpelijk. Daar maken ze geen reclame om programma’s te financieren. Daar maken ze programma’s om met reclames geld te verdienen. Hoe meer kijkers, hoe hoger de reclametarieven, hoe meer inkomsten. Hun rai­son d’être is wasmiddelen verkopen.

Populaire BN’ers en populisten

Maar ook de publieke omroep is met die kijkcijfergekte besmet. Vaak geven omroepcollega’s en -bazen pas hun mening over een uitzending als de cijfers bekend zijn: ‘Mooi programma! En goede cijfers!’ Alsof ze bang zijn een autonome inhoudelijke analyse te geven. Bij slechte cijfers hoor je meestal niks. Wel schieten de programmamakers dan in de stress. Naarstig gaan ze op zoek naar oorzaken. Lag het aan het programma ervoor, of op het andere net? Was het niet goed gemaakt? Of was het onderwerp niet lekker genoeg?

En dan komt het grote aanpassen. Er moeten populairdere onderwerpen komen en leukere sprekers. Dat zie je ook in de talkshows, waar kennelijk een ‘oorlog’ woedt. Als je die wilt winnen, nodig je geen mensen uit die ergens verstand van hebben. Dan nodig je populaire BN’ers en populisten (Henk Bleker) uit, die goed zijn voor controverse.

Kijkcijfergod

Maar de publieke omroep zou helemaal niet moeten meedoen aan een ‘talkshowoorlog’. Daar kan hij alleen een pyrrhusoverwinning behalen, door alles waar de publieke omroep voor staat (of zou moeten staan) op te offeren aan de kijkcijfergod.

Maak programma’s die werkelijk inzicht bieden in de energiecrisis, inflatie, armoede, het klimaat, stikstof, wereldwijde spanningen, en de opvang van vluchtelingen (het liefst niet voor het hek in Ter Apel). Met mensen die er echt verstand van hebben. Laat de clowns over aan de wasmiddelenverkopers.

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant

Deel dit bericht

Namens de vleeslobby: sorry voor de Nederland Vleesland-campagne

TeunColumns & verhalen

Blij varken

Namens de vleeslobby wil ik hier vandaag vanaf deze plek mijn excuses aanbieden voor de Nederland Vleesland-campagne. De bedoelingen waren gewoon goed, echt heel positief, maar het is helaas totaal verkeerd uitgepakt. Daarvoor, lieve veeboeren, fokkers, veevoerbedrijven, veevervoerbedrijven, antibioticamakers, kunstmestproducenten, slachters en slagers, een hartgrondig sorry.

Onsmakelijke vleesvervangers

Ik weet nog hoe we met een paar vleesenthousiastelingen bij elkaar kwamen. Geërgerd hadden we gezien dat er in de supermarkten (niet per se waar wij wonen, maar wel in de rijke linkse buurten in de grote steden) steeds meer van die onsmakelijke vleesvervangers in de schappen waren komen te liggen. Worsten en schnitzels en hamburgers, maar dan van soja. Waarom??? Als die mensen dan geen vlees willen eten, dat mag van ons, maar helemaal normaal is het natuurlijk niet, ga het dan ook niet lopen nadoen met spul waarvoor geen dieren zijn doodgemaakt!

Er is nu zelfs een restaurant waar ze biefstuk uit een printer laten komen. Van de pot gerukt. Vlees is van een levend wezen dat je zo efficiënt mogelijk laat opgroeien en precies op het gunstigste moment qua kosten en baten doodmaakt. Klaar!

Wij zijn een vleesland

Nou, goed, die vleesvervangers en dat hele negatieve gepraat over vlees hingen ons de keel uit. Na de schitterende boerenprotesten, die toch op behoorlijk wat sympathie konden rekenen, zagen wij onze kans schoon. Nu doorpakken. Niks geen vega-geneuzel, wij zijn een vleesland!

We hebben ons laten inspireren door de huisregelbordjes van het tuincentrum die we in de gang of de woonkamer hebben hangen: ‘In dit huis: – hebben we plezier, maken we fouten, – zeggen we sorry, – zijn we lief voor elkaar.’ Als je het maar hard genoeg roept, wordt het vanzelf waarheid. Dus: in dit land eten we vlees, – zijn we echte kerels, – geven we sla aan de konijnen. Haha, grapje.

Wat willen die soja-activisten dan?

Maar jongens, het liep helemaal mis. Onze eigen cijfers en statistieken uit ons eigen onderzoek en onze vrolijke filmpjes van vrolijke dieren op vrolijke boerderijen, riepen behoorlijk wat reactie op van mensen (waarschijnlijk weer die linkse mensen uit rijke stadswijken) die een ander beeld van ons geliefde vleesland schetsen. Dat we inderdaad vleesland zijn, omdat we ruim 1,7 miljoen dieren per dag slachten, dat reguliere varkens maar 0,8 m² leefruimte hebben en dat dierentransporten soms dagen duren, met stress tot gevolg. Daarbij toonden ze ook nog filmpjes van de overvolle stallen, opeengepropte dieren in de vrachtauto’s en krijsende varkens in doodsnood.

En tuurlijk, jongens, we gaan heus niet ontkennen dat dit allemaal kan gebeuren, maar wat willen die soja-activisten dan? Dat elk dier vrij buiten kan rondlopen en pas als hij echt oud is met een privé-taxi naar de euthanasie-arts wordt gebracht? Dat kan toch nooit uit?

De vleesconsumptie daalt niet

Inmiddels zie ik op de social media ook vleeseters die van deze (linkse) cijfers en beelden schrikken. Hebben we slapende honden wakker gemaakt? Dat was volstrekt onnodig. Want hoewel vleesvervangers in de lift zitten, daalt de vleesconsumptie helemaal niet. We eten er nog steeds hartstikke veel van. We zijn zeker een vleesland, maar dat hadden we stil moeten houden.

Nu we de mensen aan het denken hebben gezet, zouden ze zomaar minder vlees kunnen gaan eten of er zelfs helemaal mee kunnen gaan stoppen. Stom! Nogmaals: sorry.

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant

Deel dit bericht

Premier Rutte, u heeft uw record, maar nu moet u echt weg

TeunColumns & verhalen

Een kikker rijdt weg op de fiets

Geachte heer Rutte,

Het is best knap dat u een paar weken geleden de langstzittende premier van Nederland bent geworden. We weten allemaal hoe graag u het wilde. Elke dag waarop u dichter bij het record van Lubbers kwam, zette u een streepje in uw kalender.

Maar waarom eigenlijk? Wat heeft u al die jaren gedaan? Heeft u het land beter, mooier en liever gemaakt? Heeft u er in die ruim 4.300 dagen voor gezorgd dat ons land klaar is voor de toekomst? Heeft u structurele problemen aangepakt? Nee, nee en nee.

Verzwegen en vergeten

U heeft er werkelijk alles aan gedaan om uw record te halen. Zo heeft u iedereen medeplichtig gemaakt aan uw beleid door verbondjes te sluiten met politici van links tot uiterst rechts, u heeft klusjes die politiek schade konden opleveren overgelaten aan collega’s, die dan ook één voor één de arena hebben verlaten. U heeft gelachen tot u pijn in de kaken kreeg.

God, wat was u altijd vriendelijk en lekker gewoon, met uw fiets en dat appeltje. En, o ja, u heeft ook geregeld een duister spel met de waarheid gespeeld. Op cruciale momenten verzweeg en vergat u dingen. U heeft uw doel bereikt. Gefeliciteerd.

Beeldvorming boven alles

En nu zitten we ermee. U heeft de politiek vergiftigd met uw nihilistische leegte. Liegen, draaien, geen verantwoordelijkheid nemen en altijd maar blijven zitten, zijn gemeengoed geworden in Den Haag.

U trad af vanwege de toeslagenaffaire en trad weer aan zonder de situatie van de slachtoffers te verbeteren. U beloofde beterschap en na het Omtzigt-debat deed u dat weer. We hebben er niks van gemerkt.

Heeft u uw kleine broertje Wopke Hoekstra de afgelopen week bezig gezien? Hij staat achter het regeerakkoord én achter een interview dat tegen dat akkoord inging. De kamer stuurde hem niet weg. Dat monster heeft u gecreëerd. De politiek is rot en het imago is kapot, een treurige paradox voor een premier die beeldvorming boven alles stelt.

Verziekte sfeer

Inmiddels stapelt de ene crisis zich op de andere. Niet gek als je jarenlang van het ene brandje naar het andere loopt. Nu zijn de branden te groot om te blussen. Had u maar een plan gehad voor onze landbouw en ons voedselsysteem. Had u maar bedacht hoe ons land in zijn eigen energie zou kunnen voorzien. Had u maar een idee gehad om onze welvaart eerlijker te verdelen, zodat mensen ook in moeilijkere tijden kunnen overleven.

Misschien was de sfeer in de samenleving dan minder verziekt. Misschien waren bevolkingsgroepen dan minder tegenover elkaar komen te staan.

U wakkert die tegenstellingen aan, door keer op keer begrip te tonen voor boze burgers die zich extremistisch en racistisch uitlaten en gewelddadig protesteren. Door uw populistische reflex en angst kiezers van u te vervreemden, heeft u foute krachten salonfähig gemaakt.

En nu is er de schrijnende situatie in Ter Apel, waar zevenhonderd asielzoekers op straat moeten slapen. Hoe dat heeft kunnen gebeuren, kunt u niet uitleggen.

Buitenlanders

U blijft steken in beleidsmatig, bureaucratisch gewauwel over verantwoordelijkheden van verschillende overheden. Had u Nederlanders zolang op straat laten slapen? Het enige wat u en uw partij doen, is het idee voeden dat de problemen in de samenleving vooral door buitenlanders komen.

Uw leiderschap is moreel failliet. U heeft uw record, u kunt gaan.

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant

Deel dit bericht

Bij Op1: Keuringsdienst van waarde is 20 jaar

TeunIn de media

Teun van de Keuken bij Op1 over 20 jaar Keuringsdienst van Waarde

Al twintig jaar lang onderzoeken Teun van de Keuken en collega’s de voedingsindustrie in De Keuringsdienst van Waarde. Teun vertelt in talkshow Op1 over het succes van het televisieprogramma met medepresentator Marijn Frank.

Verborgen suiker in theezakjes, ham-inspuit-lessen of garnalen met een afgesneden oog voor superieure voortplanting.; zomaar wat onderwerpen die de revue passeerden of passeren.

Het geheim van het programma is uiteindelijk steeds weer de simpele vraag die aan uitzendingen voorafgaat, zo zegt Teun.

De teneur aan tafel is dat Nederlanders voedsel gewoon maar matig waarderen. Hier te lande leren studenten voedsel-maken niet eens niet hoe ze zo lekker mogelijk voedsel kunnen maken, maar meer: hoe kan je zo veel mogelijk winst maken, aldus Teun.

Uitzending terugkijken

De uitzending van maandag 22 augustus 2022 met presentatoren Natasja Gibbs en Nadia Moussaid is hier te zien op de website van de NPO.

Een nieuw seizoen Keuringsdienst van Waarde start donderdagavond 25 augustus 2022 op NPO3.

De managers vermoorden de radio

TeunColumns & verhalen

Jongen ligt met voet op ouderwetse radio met geknakte antenne

Het doet pijn hem zo te zien. Hij is jarenlang mijn beste vriend geweest, misschien zelfs wel mijn eerste grote liefde. Als klein jongetje lag ik stiekem in mijn bed naar hem te luisteren. De kamer werd alleen verlicht door de digitale cijfers die de tijd aangaven. Als ik het toestel voor mijn ogen hield, kon ik bij het vage schijnsel van de wekkerradio de aanduidingen ‘Schlummer’ en ‘Schlaf’ lezen. Alle magie zat in dit Duitse apparaat. Alle magie kwam daaruit.

Zolang als ik mij kan herinneren, luister ik naar de radio. De hele dag stond hij aan: de Ko de Boswachtershow, Het zwarte gat, Radio Romantica, Welingelichte Kringen, God zij met ons, Hoor Haar, De Dik Voormekaar Show, Bal op ‘t dak, Tussen start en finish, Een uur Ischa, De toestand in de wereld, Music Hall, Het Gebouw, Argos, het Weeshuis van de hits, Borát, In de Rooie Haan, de Tros Nieuwsshow, OVT, Vroege Vogels, Langs de lijn, Radio Bergeijk, Ronflonflon, Het Marathoninterview, De Avonden.

Soms ergerlijk, maar nooit saai

De radio was geen voorspelbare vriend. Gelukkig niet. Hij vertelde verhalen waarvan ik niet wist dat ze me interesseerden: over occulte zaken in Het zwarte gat, feminisme bij Hoor Haar! en liefdesperikelen in Radio Romantica. Hij kwam soms reactionair uit de hoek met de praatjes van G.B.J. Hiltermann (mijn vader wilde dan het toestel uitzetten, maar ik kon er gebiologeerd naar luisteren) dan weer opruiend links met In de Rooie Haan. Hij kon me aan het lachen maken met Ischa Meijer, André van Duin en Wim T. Schippers. Ieder uur van iedere dag deed hij iets anders.

Hij leerde me nieuwe muziek kennen, introduceerde schrijvers in mijn leven die voorlazen uit eigen werk en wetenschappers die zochten naar antwoorden op levensvragen. In Het Marathoninterview werden mensen van wie ik soms nog nooit had gehoord vijf uur (!) lang geïnterviewd. De radio was boeiend, verrassend, soms ergerlijk, maar nooit saai. Daarom hield ik van hem.

Nooit meer een verrassing

In de loop der jaren heb ik mijn vriend zien veranderen. Daar kon hij zelf niks aan doen, dat kwam door zijn bazen. De zendermanagers, die uit onderzoekjes begrepen dat mensen helemaal niet verrast willen worden. Mensen willen altijd hetzelfde. Daarom is McDonald’s zo succesvol. Als je de gele M ziet, dan weet je wat je krijgt, overal op de wereld.

De gele M van de radio heet horizontale programmering: elke dag op dezelfde tijd hetzelfde programma. Nooit een verrassing. Iedere dag van 6.00 tot 9.30 het Radio 1 Journaal en direct erna Spraakmakers. En altijd dezelfde middle-of-the-roadmuziek. Mijn vriend is een voorspelbare, saaie sukkel geworden.

Mangiare!

Er is één programma dat zich één uurtje in de week onttrekt aan de horizontale verlangens van de managers: Mangiare!. Een vrolijke, licht-chaotische eettalkshow die leerzaam is, eetlust opwekt én reuze belangrijk is. Of moet ik u (en de baas van Radio 1) nog uitleggen dat er een directe relatie is tussen de boerenprotesten en ons voedselsysteem? Hoe belangrijk kennis van voeding is om de obesitasepidemie tegen te gaan? Welke rol voeding bij eenzaamheid speelt? Praten over eten, over koken én over genieten is belangrijker dan ooit. Maar volgens de zendermanager ‘past Mangiare! niet in het profiel van de nieuws- en sportzender’.

Dag vriend, we hadden het goed samen.

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant

Deel dit bericht

Liefde voor kinderen was voor badmeesters geen vereiste. Liefde voor grote mensen kennelijk ook niet

TeunColumns & verhalen

Zwemmende man in zwembad

‘Nou, meneer Van de Keuken…’ Ik kwam aan bij het ondiepe gedeelte van het 50 meterbad, waar een oudere vrouw mij stond op te wachten. Haar gelaat was doorgroefd met zure trekken: ‘U zat ooit in zo’n clubje voor een betere zwemtechniek…’ Ze lachte haar vreugdeloze lach: ‘…maar daar is niets van te zien. Dit lijkt nergens op.’ Er ontstond een kleine kortsluiting in mijn hoofd. Waarom zei ze dat? Wat moest ik antwoorden? Wie was ze? Op die laatste, niet hardop gestelde vraag, kwam direct antwoord: ‘Ik ben badmeester bij het Zuiderbad.’ ‘Nou bedankt voor uw opbeurende commentaar’, stamelde ik.

Ik dacht aan al die badmeesters in mijn jeugd die schreeuwend aan de rand van het bad stonden met hun grote zwemhaken. Liefde voor kinderen was geen vereiste. Voor grote mensen kennelijk ook niet: ‘Ja precies’, bitste ze terug, ‘laat maar eens wat zien. Hup hup!’

Hulpeloos, sneu

Wat moest ik nou? Ik wilde me verlossen van dit ongewenste gezelschap, maar ik kon toch ook niet wegzwemmen onder haar vorsende blik? Extra goed mijn best doen zeker, omdat dit secreet dat van mij verlangde. Ik zwom een paar slagen, werd chagrijnig en boos en draaide me om: ‘Dit is echt idioot wat u doet. Zo onaardig!’ Het klonk niet zo scherp als ik gehoopt had. Eerder hulpeloos. Sneu. De vrouw reageerde niet. Nog een paar slagen verder zag ik dat ze het bad had verlaten. Haar taak zat erop.

Al zwemmend denk ik me suf

Ik volg nu al een paar jaar achterelkaar borstcrawl-les. Eerst met alleen een goede vriend, daarna in een groepje en nu, omdat al die andere lessen niet genoeg opleverden, privé. Ik vind het ontzettend moeilijk, maar ik wil het kunnen: lichaam lang maken, de arm ontspannen over het water laten gaan en op dezelfde diepte en breedte het water insteken waar de andere arm is. Roteren vanuit de romp! De liggende arm pas uit het water halen als de ander is gearriveerd. Niet molenwieken. Het hoofd op het water laten dobberen en als aan een touwtje rustig opzij bewegen om onder de gehaakte arm door te ademen.

Al zwemmend denk ik me suf. Steeds gaat er iets mis. Dan corrigeer ik mijn slag en probeer er het beste van te maken. Niet aan het einddoel denken. Elke kleine vooruitgang is een overwinning. Na een halve baan crawl, doe ik weer een paar slagen schoolslag. Even ontspannen. Zou de boze badmeester me juist toen hebben gadegeslagen?

Ongevraagd onplezierig commentaar

Ik doe dit voor mezelf. Er is geen competitie. Er is geen buitenwereld. Maar nu denk ik alleen maar aan dat mens. Misschien heeft ze gelijk. Mijn zwemmen lijkt nergens op. Ik kan net zo goed stoppen. Die lessen kosten heel veel geld.

Toch zwem ik door. Nu ook weer boos dat ik me zo laat opnaaien. Ik probeer me weer op mijn slag te concentreren. Waarom, denk ik steeds. Waarom zou je iemand die zijn best doet en daar verder niemand mee schaadt de les willen lezen? Wij Nederlanders zijn goed in dit soort ongevraagd onplezierig commentaar. Maak ik me er niet zelf ook regelmatig schuldig aan? Stom. Ik neem me voor aardiger te zijn en me minder van de meningen van anderen aan te trekken.

Ik ben toe aan vakantie. Lekker zwemmen. Tot over vier weken, lieve lezers!

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant

Deel dit bericht

Boeren kunnen ons toch niet dwingen vlees te eten?

TeunColumns & verhalen

Man in pak met een banaan in de hand

Jaren geleden voerde de VPRO-kantine de ‘meatless monday’ in: op maandagen werd er geen vlees geserveerd. Dit was onderdeel van een sociaal experiment voor een televisieprogramma. De immer progressieve medewerkers van de immer progressieve omroep kwamen massaal in opstand. Heel veel mensen riepen ‘schande!’ en ‘vrije keuze!’.

Maar, lieve vleeseters, vanwaar die kwaadheid?

Bij het fijne restaurantje onder aan de dijk bij mij in de buurt hetzelfde verhaal. Eén dag in de week is dat volledig vegetarisch. Maar ‘als mensen per se vlees willen eten en dat van tevoren aangeven, dan kan dat’. Wat bezielt die mensen? Waarom is het zo erg een keer géén vlees te eten? Zijn ze bang voor groenten? Vinden ze het een gekker idee iets te eten wat in de aarde is gegroeid dan een geslacht beest? Als het eten lekker is zonder dier, dan is het toch gewoon lekker? Veel verstokte carnivoren zullen na een heerlijke melanzane alla parmigiana of een verrukkelijke aloo gobi het vlees niet hebben gemist.

Vegetariërs en veganisten roepen agressie op bij vleeseters. Onder een bericht over de onlangs gepresenteerde 3D-geprinte biefstuk van restaurant Loetje verschenen vele verontwaardigde berichten. Mensen vonden het belachelijk, vreesden dat ze straks allemaal gedwongen werden vegetariër te worden en plaatsten foto’s van de enorme lappen vlees die zij soldaat gingen maken: drie ons per persoon, lekker bloederig. Maar, lieve vleeseters, vanwaar die kwaadheid?

Is hij beter dan ik?

Loetje is een hypercommerciële biefstukketen die door het groeiend aantal vegetariërs een deel van de markt mist. Om die klanten te kunnen bedienen en dus meer geld te kunnen verdienen, hebben ze die vegavariant ontwikkeld. Dat is geen idealisme, dat is zakelijk. Je hóéft hem niet te eten, maar stel nou dat hij net zo lekker is als een dood dier, zou dat niet juist hartstikke fijn zijn? Dat scheelt een hoop mest, dierenleed en de uitstoot van broeikasgassen en stikstof. Daarom kan ik ook niet wachten op kweekvlees.

Als ik in het gezelschap van een vegetariër vlees eet, dan voelt dat niet fijn. Als ik hem dan zo tevreden zie kauwen op zijn bloemkoolsteak, dan voel ik soms een klein beetje woede opkomen. Zelfs als hij niks zegt over mijn keuze. Wie denkt hij wel dat hij is om zich zo moreel superieur te gedragen? Is hij soms beter dan ik? Zijn keuze voelt als een terechtwijzing van de mijne. Die komt aan, omdat ik diep van binnen weet dat hij gelijk heeft. Om allerlei redenen is het beter minder of geen vlees te eten. Zou het kunnen dat die mensen die zo kwaad worden op Loetje dit ergens in hun hartjes ook zo voelen?

Boeren kunnen ons niet dwingen

Verschillende koffiezaakjes in Amsterdam hebben de extra toeslag die tot nu toe werd geheven op plantaardige alternatieven voor melk afgeschaft. Een havercappuccino is nu dus even duur als eentje met koemelk. Eerlijk, zou je zeggen. Waarom zou je een concurrentievervalsende maatregel die koemelk voortrekt in stand houden? De klanten hebben nu een vrije keuze. Boeren uit de omgeving zijn het er niet mee eens: ‘Melk komt uit een dier, niet uit een plant.’

Een groot deel van de klanten denkt er (helaas voor hen) anders over. Daar is weinig aan te veranderen. Boeren kunnen ons toch niet dwingen dierlijke producten te eten en drinken?

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant

Deel dit bericht

BN’ers weren uit gokreclames lost niks op

TeunColumns & verhalen

Screenshot Reclame Koning Toto met Andy van der Meijde

Nooit meer BN’ers in gokreclames, een vreemde gewaarwording. Je kunt natuurlijk zeggen dat die schreeuwerige, schijtlollige oud-voetballers en voormalige politieagentes die verwoede pogingen deden ons een gokverslaving aan te smeren irritant waren, maar ze hoorden er toch ook een beetje bij. Nu ze er niet meer zijn, word ik een beetje weemoedig. Alles gaat zo snel en alles gaat zo snel voorbij. Nooit meer Wesley, Andy, Sjaak, Raffie en al die andere krukkige acteurs.

BN’ers

In het staatsblad wordt omschreven welke BN’ers van de spotjes moeten worden uitgesloten: ‘individuele beroepssporters, een team bestaande uit beroepssporters en andere rolmodellen’. Wie zijn die andere rolmodellen? Dat zijn ‘personen die publieke bekendheid genieten en personen die hun bekendheid ontlenen aan activiteiten in het heden of het verleden als:

  1. beroepssporter, sporttrainer of een andere persoon met een publiek zichtbare rol binnen de beroepssport;
  2. acteur, regisseur, presentator, zanger of een andere persoon met een publiek zichtbare rol binnen de televisie-, film-, theater-, muziek- of andere entertainmentindustrie;
  3. model, modeontwerper of een andere persoon met een publiek zichtbare rol binnen de schoonheid- of mode-industrie;
  4. auteur, journalist, columnist, influencer, vlogger, blogger of een andere persoon met een publiek zichtbare rol vanwege het gebruik van gedrukte, audiovisuele, auditieve, online of andere media;
  5. vertegenwoordiger van een politieke partij of een andere persoon met een publiek zichtbare rol binnen de landelijke, regionale of lokale politiek;
  6. frequente deelnemer aan kansspelen of een andere persoon met een publiek zichtbare rol op het gebied van kansspelen;
  7. personen die zichtbaar een ambt of beroep vervullen of uitbeelden waarvan een maatschappelijke voorbeeldfunctie uitgaat.’

Volstrekt onbekende mensen

Is dit geen heerlijke lijst? Je ziet helemaal voor je hoe zoiets gaat. De minister trommelt zijn ambtenaren op en zegt: ‘Ik wil dat in die gokreclames alleen volstrekt onbekende mensen optreden. Stel voor mij een lijst samen met alle beroepsgroepen met bekende mensen!’ De ambtenaren gaan ijverig aan de slag: ‘acteur!’ roept er één, ‘vlogger!’ schreeuwt de volgende en een derde gooit ‘model!’ in de groep.

De wat oudere bedaagde ambtenaar scherpt het geheel nog slim aan met het zinnetje ‘met een publiek zichtbare rol’. Om het helemaal dicht te timmeren draagt hij ook nog ‘personen die zichtbaar een ambt of beroep vervullen of uitbeelden waarvan een maatschappelijke voorbeeldfunctie uitgaat’ aan. Knap werk.

Maar valt daar ook de topkok onder? En de starchitect? Anders zou ik Rem Koolhaas meteen vragen voor Koning Toto. En wat nu als de volstrekt onbekende acteurs door die reclames opeens bekend worden? Dat is Harry Piekema van Albert Heijn en Frank Lammers van Jumbo ook overkomen. Moeten ze dan stoppen?

Je zou gokreclames ook kunnen verbieden

Reclames zijn op aarde om mensen ertoe te verleiden de aangeprezen waar te kopen. De minister staat die ook voor gokken toe, als ze maar niet te succesvol zijn. Daarom worden BN’ers geweerd. Maar ook zonder BN’ers kun je nog mooie spotjes maken die mensen verleiden. Met mooie beelden, opzwepende muziek en aantrekkelijke (onbekende) mensen. Kunnen daar niet ook regels voor komen, zoals: ‘In gokreclames moet elk shot scheef en overbelicht zijn. Er mag alleen gebruik worden gemaakt van schelle atonale muziek. Alles wordt nagesynchroniseerd in het Duits.’

Als we de regels maar genoeg aanscherpen, krijgen we uiteindelijk spotjes die alle klanten wegjagen. Geniaal, maar ook omslachtig. Je zou de gokreclames ook kunnen verbieden.

Afbeelding: Screenshot reclame Koning Toto met Andy van der Meijde

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant

Deel dit bericht