De aanpak van corona is één grote betuttelingscampagne. Gelukkig maar

TeunColumns & verhalen

Mark Rutte in Tallinn, Estland, CC EU2017EE Estonian Presidency

Kom bij uw Huispopulist niet aan met verhalen dat deze coronacrisis ook voordelen heeft. Dat iedereen die pandemie inmiddels zat is, blijkt ook uit de uitbundige manier waarop de ijspret in ons kikkerlandje werd beleefd. Eindelijk een sprankje vrolijkheid in het verder zo dorre bestaan.

De premier die als geen ander weet wat het volk wil, of liever: wat het volk wil horen, wist slim de aandacht van de verlenging van de avondklok af te leiden door de deur voor een Elfstedentocht op een kier te zetten. Opeens zaten de talkshows iedere avond vol met Erbenwennemarsen. Rutte kan in deze rubriek wel iedere week vijf ballen krijgen. Er is geen sluwere populist dan hij.

Betutteling

De coronacrisis heeft wel duidelijk gemaakt dat dingen anders kunnen en moeten. Jarenlang werd onder premier Rutte (hij weer!) de liberale markteconomie gepredikt: weinig regels, nauwelijks overheidsbemoeienis en alles in vrijheid en blijheid overlaten aan de markt. De consument, over burgers spreken we nauwelijks, speelt in dit model een cruciale rol. Die neemt autonoom alle beslissingen, of het nu gaat om ethiek of gezondheid. Is een product gemaakt door kindslaven? De industrie treft geen blaam, want ‘de consument wil het’. Stoppen fabrikanten hun artikelen vol met rotzooi en brengen ze die met agressieve marketing aan de man? Weer is de consument zelf verantwoordelijk, want die vreet alles.

Elk idee om met regels en beleid de individuele consumptie te beïnvloeden werd afgedaan als betutteling. Die term hoor je nu nauwelijks meer. Waarom niet? Omdat de overheidsaanpak van corona één grote betuttelingscampagne is. Gelukkig maar.

Lenige Rutte

Onlangs heeft Rutte (hij weer!!) zelfs afstand genomen van het model waarmee hij ons land tien jaar heeft geleid. Opeens moeten we niet meer alles aan de markt en de consument overlaten, maar moet de overheid meer op de voorgrond gaan treden. De VVD-leider voelt weer eens uitstekend aan wat de mensen willen horen. Zijn partij staat fors voor in de peilingen. Een ‘mister dividendbelasting’ die zich plotseling tooit met enkele ideologische veren is populairder dan politici die altijd al voor een grotere rol van de overheid waren. Voor de politieke en morele lenigheid van Rutte kan uw Huispopulist alleen maar diep buigen.

Dankzij corona wordt gruwelijk duidelijk hoe belangrijk het is om overgewicht aan te pakken. Juist bij mensen die fors te zwaar zijn, slaat corona heel hard toe. Dat betekent een verbod op reclame voor ongezond voedsel en ook op deals voor snoep en koek. Groente en fruit moeten goedkoper worden (btw-verlaging) en de hoeveelheid vet, zout en suiker in producten moet omlaag, afgedwongen via de belastingen of wettelijke normen. Eenzelfde soort aanpak als van sigaretten dus. Dat is geen betutteling, dat is bittere noodzaak.

Vetmesten

De Nederlandse bevolking is inmiddels voor, alleen de levensmiddelenfabrikanten snappen het nog niet. In een interview op Radio1 zei Cees-Jan Adema (‘Ik snap die gevoelens’) namens de fabrikanten dat het nog niet makkelijk was om minder rommel te in voedsel te stoppen, omdat dat ‘consequenties voor de houdbaarheid van producten’ zou hebben. Wat een treurig huiliehuilie-verhaal. Zo’n sneu excuus om door te kunnen gaan met het vetmesten en ziek maken van de bevolking: ‘Het is moeilijk om gezond voedsel te maken, mammie!!!’

Ga je schamen, Cees-Jan. Je keert je tegen het volk en weet er geen overtuigend argument aan te dragen – 1/5 ballen.

CC-foto: EU2017EE Estonian Presidency

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant.

Deel dit verhaal

Wopke Hoekstra is de Nederlandse Trump

TeunColumns & verhalen

Wopke Hoekstra CDA Nieuwsuur 11 december

Als Huispopulist kun je niet om Wopke Hoekstra heen. Dat begon al met de manier waarop hij aan de macht kwam in het CDA. Eerst trok hij zich om onduidelijke redenen terug uit de leiderschapsrace, vervolgens creëerde hij tweespalt door de belangrijkste overgebleven kandidaat Hugo de Jonge niet te steunen en uiteindelijk wist hij zonder ooit een verkiezing gewonnen te hebben toch de buit binnen te halen.

De inmiddels gekozen lijsttrekker De Jonge had zich teruggetrokken en de nummer twee van de verkiezingen Pieter Omtzigt werd opzijgeschoven na een prachtig geënsceneerd huisbezoek van Omtzigt aan Hoekstra. Us Wopke, gestoken in vers gestreken wit overhemd met opgestroopte mouwen (daadkracht!) tegen de Nieuwsuur-journalist die opeens voor de deur stond: ‘Ik was de kinderen aan het voorlezen’ (familieman!), ‘Ik heb overlegd met Liselot’ (geëmancipeerd!) en ‘Ik ben verrast dat u hier bent’ (acteur!). Later kwam Omtzigt voor de camera om te stamelen dat Wopke de absoluut beste kandidaat was. Alle huispopulisten in Nederland kregen het hier warm van. Coup uit het boekje.

Wopke staat altijd in campagnestand

Sindsdien houdt het maar niet op met Wopke. Weet u nog wie meedeelde dat de basisscholen weer zouden opengaan, nog voordat het OMT zijn advies daarover had gegeven? De minister van Onderwijs? De minister van Medische Zorg? Hugo de Jonge? Premier Rutte? Fout! Het was minister van Financiën Wopke! Die heeft daar natuurlijk geen fluit – of hoogstens een heel klein fluitje mee te maken, maar de beste man kon zich niet inhouden. Informatie-incontinentie die vooral toeslaat rond het Binnenhof bij politici die de kans krijgen een populaire boodschap te brengen. Rond verkiezingstijd tiert de kwaal hevig.

Wopke staat altijd in campagnestand. Dat gaat zelfs zo ver dat hij nu twee CDA-campagnemedewerkers in het ministerie van Financiën heeft gehuisvest. Ze hebben permanente passen voor het departement, mogen werkkamers gebruiken en kunnen op elk gewenst moment een promofilmpje met Wopke opnemen in zijn werkkamer. Andere ministers doen zoiets niet, omdat ze de indruk willen vermijden dat de belangen van ministerie en lijsttrekker op een wat ongezonde manier door elkaar lopen. Wopke heeft daar maling aan.

In dit opzicht lijkt hij op Donald Trump, die zijn verkiezingsboodschappen ook graag wat grandeur van het Witte Huis meegaf. Maar voor Wopke is het – uiteraard – vooral praktisch. Als er propaganda voor het CDA of voor hem gefilmd moet worden – en dat is kennelijk om de haverklap – dan moet dat zonder talmen direct kunnen. Niet eerst helemaal naar de CDA-burelen, dat kost toch al gauw tien minuten rijden. Voor je het weet is de hele inspiratie weg en zijn de oneliners vergeten!

Wopke Hoekstra is de nieuwe Trump

En voor wie denkt u dat Wopke het allemaal doet? Voor zichzelf natuurlijk, maar ook voor zijn vrindjes uit het bedrijfsleven waar hij ooit weer naar zal terugkeren. Zo stelde hij de afgelopen week voor om de salarissen van commissarissen van staatsbedrijven, zoals Schiphol en Holland Casino, met 15 tot 20 procent te verhogen. Ze hebben veel meer taken gekregen maar hun bezoldiging is niet gestegen. Zielig!

Wopke is op een sluwe manier aan de macht gekomen, bespeelt de camera op superieure wijze, schuwt belangenvertroebeling niet en komt op voor zijn zakenvrindjes. Zo bezien zou je kunnen zeggen dat niet Wilders, niet Baudet, maar Hoekstra de Nederlandse Trump is . Hij krijgt van uw Huispopulist 5/5 ballen.

Afbeelding: screenschot Nieuwsuur 11 december 2020, Nieuwsuur-journalist interviewt Wopke Hoekstra voor zijn woonhuis

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant.

Deel dit verhaal

Vechtende en vernielende jongeren maken politici en bestuurders niet alleen boos, maar ook een beetje geil

TeunColumns & verhalen

rellen brandende auto

Mocht u zich nog afvragen waarom de Volkskrant een Huispopulist heeft aangesteld, dan zijn de twijfels de afgelopen week wel weggenomen. De cocktail van een avondklok (die hadden we lang niet gezien!) én heftige rellen kan alleen maar tot een populistische pavlovreactie leiden.

Emotie

Vechtende en vernielende jongeren maken politici en bestuurders niet alleen boos, maar ook een beetje geil. Zeker in verkiezingstijd. Nu kunnen ze het volk tonen hoe hard ze zijn. Dat is mooi om te zien. Neem minister Grapperhaus die een prachtig nummertje maakte voor de camera van olijke binnenhofclown Jaïr Ferwerda: ‘Ik ben heel boos, maar u zou ook boos moeten zijn. Nee, maar serieus, ga eens voor de camera staan en zeg eens wat u er zelf van vindt.’

Prachtig, toch? Het is voor het land van nul en generlei waarde om de mening van die goeiige Jaïr over de rellen te kennen, hij vindt ze waarschijnlijk verschrikkelijk, maar toch. De emotie is getoond. Daar verdien je bij de Huispopulist punten mee.

Leger

In de Tweede Kamer betoogde Geert Wilders dat we beter het leger kunnen inzetten dan Duitse politieagenten om hulp vragen bij het neerslaan van de rellen. De krijgsmacht en de Duitsers in één zin, klasse! Het toont de Nederlandse onmacht én je ziet de Duitse laarzen al over onze vaderlandse bodem marcheren. Populisme van de hoogste categorie. Rutte kon alleen maar stamelen dat die Duitsers ons sowieso altijd al bijstaan in grensgebieden. Who cares, Mark? Dat is oersaaie nuance waar het volk geen brood van lust.

‘Sociologische verklaringen’

Toch wist Rutte nog wel enkele punten te scoren. In de Kamer durfden een paar rooie rakkers en saaie nuanceridders het aan, om zo kort na de ramp al aandacht te vragen voor de diepere oorzaken van de schanddaden van de jongeren. Tuurlijk, we hadden het hier over tuig en schorem en de daders moesten keihard worden gestraft, maar toch: waarom deden zij dit? Hadden zij wel genoeg perspectief? Wat was er misgegaan met een groep in de samenleving dat zij tot dit soort dingen in staat waren?

Premier Rutte wilde er niets van weten. Voor je het weet zouden we medelijden krijgen met de misdadige jongeren, omdat ze een moeilijke jeugd hadden gehad. Oppakken en straffen, verder niks. Rutte had geen behoefte aan ‘sociologische verklaringen’. Stel je voor dat die verklaringen te vinden zijn in tien jaar beleid onder premier Rutte?

Burgeroorlog

Dan hadden we nog de burgemeesters. In populistische zin liet die van Amsterdam het ernstig afweten. Bij die talkshow die iedere dag door een ander duo wordt gepresenteerd, hield ze een uitermate genuanceerd en steekhoudend betoog, waar uw Huispopulist geen raad mee wist. Waar was de bloeddorst?

Gelukkig heeft Eindhoven een uitermate labiele burgervader. Deze John Jorritsma sprak tijdens de hevige rellen in zijn stad van een burgeroorlog. De emotie van het moment, denk je dan. Maar een dag later gebruikte hij het B-woord weer! Niet slim en niet juist, maar op de populistische ladder stijgt Jorritsma met stip.

Burgemeester Jorritsma is de grote winnaar van deze populistische week. Hij krijgt van uw Huispopulist de volle 5/5 ballen.

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant.

Deel dit verhaal

In Hilversum staat iedereen in de rij om een wit voetje te halen bij Frans Klein

TeunColumns & verhalen

Omroepman van het Jaar Frans Klein Jeroen Pauw Broadcast Magazine YouTube

Leiders die gedragen worden door het volk en precies weten wat dat volk wil, daar houdt uw Huispopulist van. Zulke sterke mannen (en vooruit: vrouwen) zijn uiterst zeldzaam, maar nu heeft De Huispopulist er één gevonden.

Onlangs bezocht hij uit hoofde van andere werkzaamheden een televisieredactie. Hij werd aangesproken door een bevriende medewerker die het laatste Broadcast Magazine (BM) onder de aandacht wilde brengen. Dit was op zich merkwaardig, want hoewel dit blad bij vele mediabedrijven rondslingert, spreekt nooit iemand over de inhoud ervan. BM is behang voor de omroepbranche. Je moet er à raison van een duur abonnement één of meer exemplaren van in huis hebben en het is leuk als je erin staat, maar behalve degene die erin staat, leest niemand het.

Ook uw Huispopulist was ooit in BM te zien. Het blad bestaat dus bij de gratie van de tomeloze ijdelheid van televisiemensen. Het ziet er gelikt uit en het staat boordevol advertenties. Kent u het Wereldtijdschrift van Willem Elsschot? Dat is BM. Reuze knap en niks dan respect.

Omroepman van het jaar Frans Klein

De bevriende medewerker wees op de cover van de laatste, maar desondanks alweer enigszins verouderde editie van het blad. Daarop stond een foto van NPO-televisiebaas Frans Klein met daaronder de tekst ‘Omroepman van het jaar.’ Dit was al meteen interessant. Hier werd de machtigste man van onze belangrijkste omroeporganisatie uitgeroepen tot omroepman van het jaar. Geef je zulke prijzen aan de baas? Ik denk dat ze bij McDonald’s gek zouden staan te kijken als er opeens portretjes van ceo Chris Kempczinski in de filialen zou hangen met daaronder de tekst Employer of the month.’ In Nederland schuwen we de leiderschapscultus niet. Dat is mooi.

Het blad opent met vijf paginagrote advertenties, van de NPO, BNNVara, de gemeente Hilversum en verschillende televisieproducenten. Vrijwel allemaal met woordgrapjes over de naam van de omroepman, zoals ‘Hoe Klein groots kan zijn’ en ‘Frans Klein, groots feest’. Daarna volgt een interview met de verrassend bescheiden omroepman van het jaar: ‘Ik zag dit echt niet aankomen. Dat komt ook omdat ‘Hilversum’ niet heel erg royaal is in een ander iets gunnen, of op het schild hijsen.’ Uit de rest van het blad blijkt dat Frans Klein zich daarin vergist.

In het blad treft De Huispopulist in totaal eenentwintig (!) reusachtige advertenties aan van omroepen, facilitaire bedrijven en televisieproducenten die hem feliciteren: ‘Wie Frans Klein niet eert, is het grote niet weerd.’ Allemaal netjes in de rij en grif de portemonnee trekkend om een wit voetje te halen bij de baas.

Noord-Korea

Waarom doen ze dit? Zijn ze bang voor De Grote Klein? Vrezen ze nooit meer een programma te mogen maken als ze hun vreugde niet breeduit adverteren? Dat is cynisch gedacht. Uw Huispopulist denkt dat de hele bedrijfstak oprecht blij is dat de machtigste man van de Nederlandse omroepwereld deze prijs heeft gewonnen. Iedereen vindt hetzelfde als elkaar en als de baas. Hun vreugde moet minstens zo groot zijn als het verdriet van de Noord-Koreaanse nieuwslezeres toen de vorige Kim doodging.

Daarom krijgen Broadcast Magazine en iedereen die bij de Nederlandse televisie betrokken is 5/5 sterren. Frans Klein zelf krijgt 10/5 sterren. Ook uw Huispopulist wil in de toekomst graag televisieprogramma’s blijven maken.

Afbeelding: de uitreiking van de beker voor ‘Omroepman van het Jaar’ door Jeroen Pauw aan Frans Klein. Still van filmpje op YouTube.

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant.

Deel dit verhaal

Het is tijd voor de Volkskrant-Huispopulist

TeunColumns & verhalen

clown artiest hugo de jonge minister populisme

Vanwege de recente gebeurtenissen in binnen- en buitenland heeft de hoofdredactie per direct besloten een Huispopulist aan te stellen. Hoewel de goede verstaander allang wist dat dit een populistisch dagblad was, wil de leiding van de Volkskrant deze koers nu expliciteren en bekrachtigen: ze staat (geheel in lijn met haar naam) voor, achter, maar zeker niet boven het volk.

De Huispopulist zal personen en instanties beoordelen op de mate waarin zij met hun acties daadwerkelijk het volk dienen. Bureaucratisch geharrewar en het afschuiven van verantwoordelijkheden kunnen rekenen op een flinke reprimande.

Zonnebankminister

Neem corona. Wat een zooitje. We hebben een premier die verantwoordelijkheid neemt voor dingen die goed gaan en die dingen die niet goed gaan in de clownsschoenen schuift van de behaagzieke zonnebankminister die zingend in televisieprogramma’s optreedt. Die zonnebankminister speelt graag mooi weer, stelt maatregelen uit, laat zijn adviseurs elkaar in talkshows in de haren vliegen en neemt dan als het net te laat is alsnog de maatregel waarvan iedereen wist dat die nodig was. De minister durft niet echt de baas te zijn.

Dit doet De Huispopulist aan zijn jonge jaren denken toen hij nog maar een eenvoudig radioverslaggevertje was. Iedere ochtend groette hij het hoofd van de afdeling met ‘Goedemorgen, baas’. Op dag drie verzocht de baas hem met die begroeting te stoppen: ‘Het voelt niet goed dat zo expliciet te benoemen. Voor mij niet en voor de collega’s ook niet.’

Verman u

Nederland heeft een hiërarchie- en daarmee een verantwoordelijkheidsprobleem. Dat is misschien charmant, maar onacceptabel voor een minister tijdens een enorme crisis. Daarom een dringende oproep van De Huispopulist aan de zonnebankminister: verman u. Stop met optreden in alle niet-essentiële televisieprogramma’s, stop met zingen (sowieso slecht in coronatijden), doe normale schoenen aan en toon gravitas.

Mensen hoeven u niet aardig te vinden, mensen moeten u serieus nemen. Anders eindigt u als de Barry Hughes van de politiek: de Brits-Nederlandse voetbalcoach die volgens kenners een goede trainer was, maar nooit helemaal serieus werd genomen omdat hij ook furore maakte als carnavalszanger.

Neem impopulaire maatregelen liever iets te vroeg dan te laat en tenslotte: zeg tegen uw adviseurs dat ze hun adviezen en bezwaren aan u moeten melden en niet aan Giovanca, Paul de Leeuw of Eva Jinek. Wees de baas.

Chef verantwoordelijkheid afschuiven

En dan de toeslagenaffaire van de racistische Belastingdienst die honderden mensen in de ellende heeft gestort. Wat denkt u dat de premier doet die graag de schuld aan anderen geeft? Die geeft de schuld aan anderen. Het was weliswaar ‘absoluut een smet’ op zijn premierschap en Rutte zat ‘vol schaamte’, maar, hij had ‘geen directe verantwoordelijkheid voor dit beleid’.

Lekker makkelijk premier zijn zo. Rutte is chef verantwoordelijkheid afschuiven. Nu ander beleid aankondigen, de premierbonus incasseren en weer vier jaar op het pluche. Een laffe houding van een premier die al tien jaar leiding geeft aan een overheid die zijn burgers niet vertrouwt. Dat leidt tot rot.

Nu wilde De Huispopulist zijn beoordelingen graag illustreren met cijfers, sterren of ballen, maar kennelijk is de regel ‘in de nieuwskrant geen ballen!’ Nog niet de hele Volkskrant is dus doordrongen van het belang van een scherpe populistische koers. Dan maar zo: Hugo de Jonge krijgt 2 van de 5 ballen, Mark Rutte: 1/5.

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant.

Deel dit verhaal

Alleenheersers bestaan niet, zelfs Trump heeft lakeien en vazallen nodig

TeunColumns & verhalen

Trump vliegtuig

Tijdens mijn geschiedenisstudie heb ik één belangrijke les geleerd. Één belangrijke les, verder niks. Medestudenten die ik er later over sprak zeiden mij dat je zoveel van een studie kunt maken als je zelf wilt. Dat heb ik onvoldoende gedaan. Maar die docenten waren ook hopeloos, futloos, ongeïnspireerd, levensmoe en wachtend op hun pensioen. Ik hoorde ze weleens onderling bespreken hoe lang ze nog moesten. 

‘Alleenheersers bestaan niet!’

Nu die belangrijke les. In een college ‘politieke theorieën van de Middeleeuwen’ ging het over machtige vorsten. U weet wel, de Merovingers en de Karolingers en noem ze allemaal maar op. Hoe kregen heersers de macht en hoe hielden ze die?

De docent, een smoezelig charmante Belg die de helft van de tijd onverstaanbaar sprak en de indruk wekte ons allemaal eigenlijk te dom te vinden om zijn analyses te mogen aanhoren, hield een lang verhaal over het verschil tussen macht en gezag, viel even stil en keek ons indringend aan: ‘Maar pas op! Alleenheersers bestaan niet!’ Stel je een koning voor die allemaal bevelen geeft en decreten uitvaardigt, waar niemand naar luistert. Dan heerst hij alleen over niemand. Een heerser, een dictator zelfs, heeft lakeien en vazallen nodig. Mensen die zijn hielen likken, zijn vuile werk opknappen en zijn propaganda verzorgen. Dat zijn óf mensen die geloven in de idealen van die heerser, óf die denken van hem te kunnen profiteren óf die bang zijn. En vaak ook een combinatie van alle drie.

Trump

Dat hebben we bij Trump ook gezien. Hij had een flinke coterie van opportunisten en angstige types om zich heen. Ik herinner mij een filmpje van een vergadering van zijn kabinet, waar iedere minister om de beurt mocht zeggen hoe geweldig The Donald was. Ze deden het allemaal. Ook Mike Pence. Gênant en misselijkmakend.

Tal van politici van de Republikeinse partij die aanvankelijk niets van hem moesten hebben, zijn op zijn zegekar gesprongen toen ze dachten van hem te kunnen profiteren. Sommigen dachten via hem hun eigen agenda door te kunnen voeren, anderen waren bang op een zijspoor te raken als ze hem niet zouden steunen. Allemaal in de naïeve veronderstelling dat je ongehavend met het beest kunt dansen. Seksistische en racistische opmerkingen, aanvallen op rechters en pers en geweld tegen betogers werden allemaal vergoelijkt. Ook bepaalde media deden er vrolijk aan mee. Gelukkig hield de rechterlijke macht moedig stand.

Een echte alleenheerser

Dit ging door tot het bittere eind, toen een deel van de Republikeinen de volstrekt ongegronde en levensgevaarlijke beweringen van Trump steunde dat hij de eigenlijke winnaar van de verkiezingen was. Daarmee waren ze medeverantwoordelijk voor de bestorming van het Capitool in Washington. Nu we de gevaarlijke consequenties ervan hebben gezien en de publieke opinie verschuift, trekken de lafbekken die Trump en het geweld van zijn aanhang mogelijk hebben gemaakt, hun handen er vanaf. Hij is nu een echte alleenheerser geworden, maar wel een met de knop van de kernbommen binnen handbereik. 

Het blijft, ook als je het verkiezingsprogramma van de PVV leest, een belangrijke vraag: waar ligt mijn verantwoordelijkheid? Vind ik het stilzwijgend goed dat er een ministerie van ‘Immigratie, Remigratie en De-islamisering’ komt en dat iedereen met een dubbel paspoort van zijn rechten wordt ontdaan? Of laat ik mijn stem horen? We bepalen samen de loop van de geschiedenis.

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant.

Deel dit verhaal

Op dieet met Teun, deel 4: intermittent fasting

TeunIn de media

Op dieet met teun intermittent fasting

Iedere ochtend staat Teun op de weegschaal. Een gezond BMI jazeker, maar blij is hij niet met zijn spiegelbeeld: ‘Ik kijk in de spiegel en zie een buik die er op zich mee door kan. Toch ben ik ontevreden met wat ik zie: te dik, te weinig gespierd, niet mooi genoeg.’

Ook is Teun bang voor toekomstig overgewicht. Daarom zal hij dit jaar steeds een maand lang een ander dieet uitproberen en hierover verslag uitbrengen in de Volkskrant. Valt hij af? Is het vol te houden?

‘Is één dieet zaligmakend? Of kan ik uit alle voedingspatronen lessen leren die samen tot een nieuwe gezonde leefstijl leiden?

Intermittent fasting

Na een zomer in Limburg, met te weinig sport en teveel eten, is Teun flink aangekomen. Ook zijn spieren, eerder nog met pijn en moeite opgebouwd, zijn verdwenen.

Om weer terug fit te worden, start Teun met zijn vierde dieet, een vorm van vasten: intermittent fasting of preciezer: time restricted eating. Hij zal stoppen met eten van vroeg tot laat en zal een maand lang alleen nog eten tussen twaalf uur ‘s middags en acht uur ‘s avonds. Hij zal dus niet meer ontbijten, maar alleen nog lunchen en tot slot dineren om zeven uur ‘s avonds.

Makkelijk

Het valt Teun niet zwaar dat hij op minder uren van de dag nog mag eten. ‘Dit komt waarschijnlijk omdat ik geen ontbijter ben. Mijn hele leven heb ik ‘s morgens tegen heug en meug voedsel naar binnen gewerkt.’

Wel komt er weinig meer van fruit eten. ‘Omdat dit dieet niet dwingend voorschrijft wat je wel en niet mag eten, alleen wanneer je moet eten, is het heel makkelijk de toch al niet zo geliefde appel of kiwi te vergeten.’

Er zal ook weer gesport moeten worden. Ook dat gaat Teun aanvankelijk goed af.

Ik blijk de oefeningen niet verleerd, til zware dingen op, train mij leeg en voel mij daarna een stuk beter. Zo kom je dus uit de negatieve spiraal: gewoon weer aan de slag.

Intermittent fasting in het dagelijks leven

En dan komt er toch een kink in de kabel. Het blijkt té lastig om het nieuwe eetritme te combineren met het sporten. Teun was gewend om na het werk te sporten om pas laat op de avond te eten. Daar zet dit dieet een streep doorheen. ‘s Morgens sporten lukt Teun echter niet en later op de avond wil ook al niet.

Maar ook al schiet het sporten erbij in, Teun valt alsnog lekker af. ‘Dat is ook niet zo gek. Als je het ontbijt overslaat en in de andere uren niet méér eet dan je normaal zou doen, dan val je vanzelf af. Dat scheelt toch snel zo’n 500 calorieën per dag.’

Voor Teun blijkt het dieet uiteindelijk niet goed in te passen in zijn leven. Maar ‘als je het ontbijt makkelijk kunt missen, is time restricted eating een heel simpele manier om snel van de kerstkilo’s af te komen.’

Als ik iets heb geleerd in mijn jaar van diëten is dat een eet(en sport-)patroon alleen werkt als het makkelijk in je dagelijks leven valt in te passen.

Verder lezen

Lees Teuns hele verslag over time restricted eating hier op de website van de Volkskrant.

En lees hier over Teuns eerste dieetmaand: het ketodieet.

En hier over Teuns tweede dieetmaand: het sportdieet.

En hier over Teuns derde dieetmaand: een veganistisch dieet.

Deel dit bericht

Hoe makkelijk maakt Knorr het ons eigenlijk?

TeunColumns & verhalen

Knorr Natuurlijk Lekker Chili con Carne screenshot ah

Graag wil ik Knorr vanaf deze plek hartelijk feliciteren met het winnen van de Innova Klassiek! Misschien dat u het gemist hebt, maar Knorr heeft met zijn ‘Natuurlijk Lekker’-range’ een prestigieuze prijs gewonnen.

Innova Klassiek klinkt misschien een beetje als een contradictio in terminis – hebben we hier nu met een klassieker te maken of met een innovatie?– maar daarover hebben de knappe koppen uit de levensmiddelenbranche juist goed nagedacht. Die kleine kortsluiting in de hersenen ‘hé innova, hè klassiek’ is juist goed. Dat valt op. En met een beetje goede wil is de naam ook nog juist. Het is namelijk een prijs die pas vier jaar nadat producten zijn geïntroduceerd wordt uitgereikt. Alleen als ze het in al die jaren goed hebben gedaan (‘enkel producten met een rapportcijfer 7 of hoger’) kunnen ze winnen. Een prijs voor instantklassiekers dus.

Doorzichtige dressing

Nu ben ik al jaren fan van voedselinnovaties. Het begon in mijn studententijd toen twee aantrekkelijke meisjes bij mij aanbelden om mij een slasaus te laten testen. Nu zag ik de zin van kant- en klare slasaus niet, maar de meisjes vond ik leuk. Ik gebruikte de dressing een week, vulde de vragenlijst in (‘vindt u dat de kruiden mooi door de fles verdeeld zijn?) en de meisjes kwamen terug. Ze lazen mijn antwoorden die ik zo grappig mogelijk had geformuleerd, lachten erom en vervolgens durfde ik ze, één van hen was al mooi geweest, niet om hun telefoonnummer te vragen.

Wat ik wel begreep: techneuten hadden jarenlang gewerkt aan een doorzichtige dressing waarvan de ingrediënten (kruiden) niet naar de bodem zakten, maar mooi door de vloeistof bleven zweven. Voedseltechnologen kennen onze diepste verlangens beter dan wij zelf. Aan een homogene slasaus met vrij zwevende kruiden had de consument, ik dus, kennelijk behoefte.

Perceptie

En nu pakt Knorr met de Natuurlijk Lekker-range zomaar even de Innova Klassiek 2020. Wat is er zo goed aan die range? Kevin Vermetten van Knorr legt het uit: ‘Met deze range hebben we destijds de perceptie rondom maaltijdmixen weten te verbeteren door de focus op natuurlijke ingrediënten te leggen. Ons doel is om de perceptie rondom deze categorie te blijven veranderen middels het verbeteren van onze recepturen en het introduceren van relevante nieuwe oplossingen op het schap.’

Dat is toch mooi? Kevin en zijn team hebben gewoon onze gedachten over kant- en klaarmaaltijden (sorry, dat begrip is vast heel erg oude perceptie) veranderd door het woord natuurlijk te gebruiken.

‘Makkelijk’ met Knorr

Ik zoek een Natuurlijk Lekkere chili con carne op de Albert Heijn-site en lees: ‘De met zorg geselecteerde mix bevat pure kruiden, smakelijke specerijen en grote stukken groenten die zorgvuldig zijn gedroogd. Eigenlijk precies zoals je hem zelf zou kunnen bereiden, maar dan makkelijk gemaakt door Knorr.’ Wat is een chili zonder zorgvuldig gedroogde groenten? Nou dan.

Maar hoe makkelijk maakt Knorr het ons eigenlijk? Als je op de ingrediëntenlijst kijkt, zit er voornamelijk tomatenpoeder, kruiden, zout en suiker in. Zelf moet je nog toevoegen: rundergehakt, paprika, ui, prei, tomatenpuree en kidneybonen. Waar heb je dat pakje van 1,29 euro voor 64 gram dan voor nodig? Voor de perceptie, denk ik.

Naast Knorr wonnen nog zevenentwintig andere producten de prestigieuze Innova Klassiek-award.

Afbeelding: screenshot ah.nl

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant.

Deel dit verhaal

Wat nou privacy? Geef gewoon de uitslag van de coronatest!

TeunColumns & verhalen

coronatest covid-19 test

Mijn dochter had misschien corona, zoals vrijwel iedereen de afgelopen maanden misschien corona heeft gehad. Een paar jongens uit haar klas hadden het en zij voelde zich niet zo lekker. We besloten de GGD te bellen voor een test. Dat was nog niet zo eenvoudig. We zaten in ons buitenhuisje in de Limburgse bossen waar het bereik ontzettend slecht is. Vooral met mijn telefoon. Dat had ik moeten bedenken voordat ik de coronatestlijn belde, dan had ik het toestel van mijn vrouw kunnen gebruiken.

‘Dat mag ik niet doen, meneer’

‘Ja goedendag, ik bel over mijn dochter.’

‘Hallo?’

‘Hallo, hoort u mij?’

‘Hoort u mij?’

‘Ik bel over mijn dochter…’

‘Is uw dochter in de buurt? Ze moet vanwege de privacy zelf aan de lijn komen.’

Ik haal mijn dochter: ‘Hallo, ik ben het.’ Het geluid van een jonge meisjesstem was kennelijk voldoende bewijs van haar identiteit. De GGD- man en ik vervolgden ons moeizame gesprek. Voortdurend bewoog ik mij naar andere plekken in het huis om de ontvangst te verbeteren.

‘Mag ik tot slot nog uw telefoonnummer waarop wij de uitslag kunnen doorgeven?’

Stom genoeg geef ik weer mijn eigen nummer. Alles kraakt en piept en er vallen voortdurend stiltes. ‘Kunt u mijn nummer misschien even herhalen, dan weet ik of het goed is doorgekomen?’ ‘Dat mag ik niet doen, meneer. Vanwege de privacy. Zegt u het anders nog een keer.’

Weer die privacy! Van wie? Van mijzelf toch zeker. Dan zou ik toch moeten kunnen toestaan die te schenden? Ik herhaal het nummer en hoop dat het goed in de administratie terechtkomt.

‘Mevrouw, bent u daar nog?’

Anderhalve dag nadat mijn dochter was getest, werd ik weer gebeld. Ik sprong uit bed en probeerde in mijn onderbroek de beste belplek in het huis te vinden. Uiteindelijk belandde ik in de deuropening. Het was vrij koud.

‘Hoort u mij?’, vraagt de GGD’er.

‘Hallo, hoort u mij?’, vraag ik terug.

‘Mevrouw?’

‘Meneer!’

‘Ja mevrouw?’

‘Ik ben een meneer!’

‘O sorry. Ik bel over de testuitslag van uw dochter. Is ze in de buurt?’

‘Die slaapt nog.’

De man lijkt even van zijn stuk, maar vervolgt gelukkig het gesprek. ‘Vanwege de privacy wil ik eerst een paar vragen stellen. Wat is het adres van uw dochter?’

‘Het adres in Amsterdam, of hier?’

‘Gewoon het adres van uw dochter.’

Ik geef toch maar het Limburgse adres, omdat we van hieruit de test hebben aangevraagd. Dat blijkt correct. Het valt weer stil. ‘Mevrouw, bent u daar nog?’

‘Ik ben een meneer!’ Ik schreeuw het door het huis. Inmiddels staat mijn vrouw naast mij in de deuropening met een jas. Ze maakt vreemde hoofdbewegingen naar de uitgang. Ik heb geen idee waarom. Later legt ze uit dat ik met die jas over mijn onderbroek buiten had kunnen staan voor betere ontvangst.

Stel dat

De GGD’er blijft maar vragen stellen. Alles om 100 procent zeker te zijn van de identiteit van mijn dochter. Ik herhaal mijn antwoorden drie keer voordat ze vanuit mijn Limburgse black hole zijn kantoor hebben bereikt. Na een kwartier komt het hoge woord eruit. ‘De uitslag van de test is negatief.’ Kon hij dat nu niet meteen zeggen? O nee, de privacy. Stel dat iedereen zou weten dat mijn dochter geen corona had?

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant.

Deel dit verhaal

Mijn vader werkte te hard en ik nu ook

TeunColumns & verhalen

kaarten kaartspel familie

Op de dag af twintig jaar geleden zaten we met het gezin in Spanje. Niet mijn gezin van nu, maar dat van vroeger: mijn ouders, mijn broers en ik.

Mijn vader had op een bierviltje (altijd maar weer dat bierviltje, ik vermoed dat een hoop bierviltjes spreekwoordelijk zijn) een huisje ontworpen en dat was nu net gebouwd in de bergen van Andalusië. Het was nog maar nauwelijks af, maar we móesten erheen. Mijn vader had kanker en zou bijna doodgaan. Dit zou onze laatste kerst worden. Dit wisten we toen al. Op zeven januari stierf hij en op 11 januari werd hij begraven.

Mijn beste vriend Gijs kon daar niet bij zijn, omdat zijn vrouw op dat moment aan het bevallen was van een prachtige tweeling. Leven en dood. Hoe onze levens ook op deze manier verbonden zijn ontroerde mij toen ik het vertelde tijdens mijn speech en het ontroert mij nu ook weer. Volgens mijn vrouw ben ik een ‘big softy’.

Een heilig moeten

Mijn vader was altijd aan het werk. Zelfs tijdens de laatste dagen van zijn sterfbed was hij bezig zijn foto’s (hij was fotograaf en filmmaker) te catalogiseren voor het nageslacht. Hij móest dingen maken. Het werk was misschien wel belangrijker dan het leven zelf. Die mensen heb je meer. Een heilig moeten. Kunstenaars, politici, wereldverbeteraars.

Vaak geven ze rationele verklaringen voor hun werkijver en onverzettelijkheid: ‘Ik kan niet tegen onrecht’ of ‘De wereld moet dit zien’. Ik geloof ze.  Ze zijn zelf vast overtuigd van hun verklaring voor hun ijzerenheinig werkijver. Die zal deels ook kloppen, maar er is meer. Een psychologisch gemis dat voor lezers, bewonderaars en aanhangers minder interessant is: het gevoel als persoon niet genoeg te zijn. Je waarde in de wereld te moeten bewijzen via je werk. Ik vermoed dat mensen die het leven willen verslaan, vaak een gat in de ziel hebben.

Nooit is het genoeg

Misschien projecteer ik. Zonder het ooit gewild te hebben, ben ik ook zo geworden. Geen groot kunstenaar, maar wel iemand die zich steevast moet bewijzen. Om iets waard te zijn. Misschien om postuum de aandacht te krijgen van de altijd werkende vader? Nooit is het genoeg. Ik ben altijd aan het werk en als ik niet aan het werk ben, maak ik plannen voor nieuw werk. Eeuwige onrust. Wat betekent dit voor mijn kinderen? Gaan ze later hun gebrek aan aandacht van hun vader ook weer compenseren? Zitten we in een eindeloze neerwaartse Van de Keuken-spiraal?

Voor mijn kinderen wens ik iets anders

Als je naar een foto kijkt weet je soms niet meer of je je de gebeurtenis op die foto zelf herinnert, of dat je alleen de afbeelding ervan nog kent. Dat gevoel heb ik met het werk van mijn vader. Daar is heel veel van. Maar veel echte herinneringen aan hemzelf, lachend aan de keukentafel of dansend met mijn moeder (ook maar romantisch verzonnen beelden) heb ik niet.

Dat maakt mij verdrietig. Voor mijn kinderen wens ik iets anders. Zodra dit stukje af is, ga ik met ze kaarten. En proberen niet boos te worden als ik verlies. Creating memories, zeggen de suikerzoete influencers op Instagram. Misschien hebben ze een punt. 

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant.

Deel dit verhaal