Namens de vleeslobby: sorry voor de Nederland Vleesland-campagne

TeunColumns & verhalen

Blij varken

Namens de vleeslobby wil ik hier vandaag vanaf deze plek mijn excuses aanbieden voor de Nederland Vleesland-campagne. De bedoelingen waren gewoon goed, echt heel positief, maar het is helaas totaal verkeerd uitgepakt. Daarvoor, lieve veeboeren, fokkers, veevoerbedrijven, veevervoerbedrijven, antibioticamakers, kunstmestproducenten, slachters en slagers, een hartgrondig sorry.

Onsmakelijke vleesvervangers

Ik weet nog hoe we met een paar vleesenthousiastelingen bij elkaar kwamen. Geërgerd hadden we gezien dat er in de supermarkten (niet per se waar wij wonen, maar wel in de rijke linkse buurten in de grote steden) steeds meer van die onsmakelijke vleesvervangers in de schappen waren komen te liggen. Worsten en schnitzels en hamburgers, maar dan van soja. Waarom??? Als die mensen dan geen vlees willen eten, dat mag van ons, maar helemaal normaal is het natuurlijk niet, ga het dan ook niet lopen nadoen met spul waarvoor geen dieren zijn doodgemaakt!

Er is nu zelfs een restaurant waar ze biefstuk uit een printer laten komen. Van de pot gerukt. Vlees is van een levend wezen dat je zo efficiënt mogelijk laat opgroeien en precies op het gunstigste moment qua kosten en baten doodmaakt. Klaar!

Wij zijn een vleesland

Nou, goed, die vleesvervangers en dat hele negatieve gepraat over vlees hingen ons de keel uit. Na de schitterende boerenprotesten, die toch op behoorlijk wat sympathie konden rekenen, zagen wij onze kans schoon. Nu doorpakken. Niks geen vega-geneuzel, wij zijn een vleesland!

We hebben ons laten inspireren door de huisregelbordjes van het tuincentrum die we in de gang of de woonkamer hebben hangen: ‘In dit huis: – hebben we plezier, maken we fouten, – zeggen we sorry, – zijn we lief voor elkaar.’ Als je het maar hard genoeg roept, wordt het vanzelf waarheid. Dus: in dit land eten we vlees, – zijn we echte kerels, – geven we sla aan de konijnen. Haha, grapje.

Wat willen die soja-activisten dan?

Maar jongens, het liep helemaal mis. Onze eigen cijfers en statistieken uit ons eigen onderzoek en onze vrolijke filmpjes van vrolijke dieren op vrolijke boerderijen, riepen behoorlijk wat reactie op van mensen (waarschijnlijk weer die linkse mensen uit rijke stadswijken) die een ander beeld van ons geliefde vleesland schetsen. Dat we inderdaad vleesland zijn, omdat we ruim 1,7 miljoen dieren per dag slachten, dat reguliere varkens maar 0,8 m² leefruimte hebben en dat dierentransporten soms dagen duren, met stress tot gevolg. Daarbij toonden ze ook nog filmpjes van de overvolle stallen, opeengepropte dieren in de vrachtauto’s en krijsende varkens in doodsnood.

En tuurlijk, jongens, we gaan heus niet ontkennen dat dit allemaal kan gebeuren, maar wat willen die soja-activisten dan? Dat elk dier vrij buiten kan rondlopen en pas als hij echt oud is met een privé-taxi naar de euthanasie-arts wordt gebracht? Dat kan toch nooit uit?

De vleesconsumptie daalt niet

Inmiddels zie ik op de social media ook vleeseters die van deze (linkse) cijfers en beelden schrikken. Hebben we slapende honden wakker gemaakt? Dat was volstrekt onnodig. Want hoewel vleesvervangers in de lift zitten, daalt de vleesconsumptie helemaal niet. We eten er nog steeds hartstikke veel van. We zijn zeker een vleesland, maar dat hadden we stil moeten houden.

Nu we de mensen aan het denken hebben gezet, zouden ze zomaar minder vlees kunnen gaan eten of er zelfs helemaal mee kunnen gaan stoppen. Stom! Nogmaals: sorry.

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant

Deel dit bericht

Premier Rutte, u heeft uw record, maar nu moet u echt weg

TeunColumns & verhalen

Een kikker rijdt weg op de fiets

Geachte heer Rutte,

Het is best knap dat u een paar weken geleden de langstzittende premier van Nederland bent geworden. We weten allemaal hoe graag u het wilde. Elke dag waarop u dichter bij het record van Lubbers kwam, zette u een streepje in uw kalender.

Maar waarom eigenlijk? Wat heeft u al die jaren gedaan? Heeft u het land beter, mooier en liever gemaakt? Heeft u er in die ruim 4.300 dagen voor gezorgd dat ons land klaar is voor de toekomst? Heeft u structurele problemen aangepakt? Nee, nee en nee.

Verzwegen en vergeten

U heeft er werkelijk alles aan gedaan om uw record te halen. Zo heeft u iedereen medeplichtig gemaakt aan uw beleid door verbondjes te sluiten met politici van links tot uiterst rechts, u heeft klusjes die politiek schade konden opleveren overgelaten aan collega’s, die dan ook één voor één de arena hebben verlaten. U heeft gelachen tot u pijn in de kaken kreeg.

God, wat was u altijd vriendelijk en lekker gewoon, met uw fiets en dat appeltje. En, o ja, u heeft ook geregeld een duister spel met de waarheid gespeeld. Op cruciale momenten verzweeg en vergat u dingen. U heeft uw doel bereikt. Gefeliciteerd.

Beeldvorming boven alles

En nu zitten we ermee. U heeft de politiek vergiftigd met uw nihilistische leegte. Liegen, draaien, geen verantwoordelijkheid nemen en altijd maar blijven zitten, zijn gemeengoed geworden in Den Haag.

U trad af vanwege de toeslagenaffaire en trad weer aan zonder de situatie van de slachtoffers te verbeteren. U beloofde beterschap en na het Omtzigt-debat deed u dat weer. We hebben er niks van gemerkt.

Heeft u uw kleine broertje Wopke Hoekstra de afgelopen week bezig gezien? Hij staat achter het regeerakkoord én achter een interview dat tegen dat akkoord inging. De kamer stuurde hem niet weg. Dat monster heeft u gecreëerd. De politiek is rot en het imago is kapot, een treurige paradox voor een premier die beeldvorming boven alles stelt.

Verziekte sfeer

Inmiddels stapelt de ene crisis zich op de andere. Niet gek als je jarenlang van het ene brandje naar het andere loopt. Nu zijn de branden te groot om te blussen. Had u maar een plan gehad voor onze landbouw en ons voedselsysteem. Had u maar bedacht hoe ons land in zijn eigen energie zou kunnen voorzien. Had u maar een idee gehad om onze welvaart eerlijker te verdelen, zodat mensen ook in moeilijkere tijden kunnen overleven.

Misschien was de sfeer in de samenleving dan minder verziekt. Misschien waren bevolkingsgroepen dan minder tegenover elkaar komen te staan.

U wakkert die tegenstellingen aan, door keer op keer begrip te tonen voor boze burgers die zich extremistisch en racistisch uitlaten en gewelddadig protesteren. Door uw populistische reflex en angst kiezers van u te vervreemden, heeft u foute krachten salonfähig gemaakt.

En nu is er de schrijnende situatie in Ter Apel, waar zevenhonderd asielzoekers op straat moeten slapen. Hoe dat heeft kunnen gebeuren, kunt u niet uitleggen.

Buitenlanders

U blijft steken in beleidsmatig, bureaucratisch gewauwel over verantwoordelijkheden van verschillende overheden. Had u Nederlanders zolang op straat laten slapen? Het enige wat u en uw partij doen, is het idee voeden dat de problemen in de samenleving vooral door buitenlanders komen.

Uw leiderschap is moreel failliet. U heeft uw record, u kunt gaan.

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant

Deel dit bericht

Bij Op1: Keuringsdienst van waarde is 20 jaar

TeunIn de media

Teun van de Keuken bij Op1 over 20 jaar Keuringsdienst van Waarde

Al twintig jaar lang onderzoeken Teun van de Keuken en collega’s de voedingsindustrie in De Keuringsdienst van Waarde. Teun vertelt in talkshow Op1 over het succes van het televisieprogramma met medepresentator Marijn Frank.

Verborgen suiker in theezakjes, ham-inspuit-lessen of garnalen met een afgesneden oog voor superieure voortplanting.; zomaar wat onderwerpen die de revue passeerden of passeren.

Het geheim van het programma is uiteindelijk steeds weer de simpele vraag die aan uitzendingen voorafgaat, zo zegt Teun.

De teneur aan tafel is dat Nederlanders voedsel gewoon maar matig waarderen. Hier te lande leren studenten voedsel-maken niet eens niet hoe ze zo lekker mogelijk voedsel kunnen maken, maar meer: hoe kan je zo veel mogelijk winst maken, aldus Teun.

Uitzending terugkijken

De uitzending van maandag 22 augustus 2022 met presentatoren Natasja Gibbs en Nadia Moussaid is hier te zien op de website van de NPO.

Een nieuw seizoen Keuringsdienst van Waarde start donderdagavond 25 augustus 2022 op NPO3.

De managers vermoorden de radio

TeunColumns & verhalen

Jongen ligt met voet op ouderwetse radio met geknakte antenne

Het doet pijn hem zo te zien. Hij is jarenlang mijn beste vriend geweest, misschien zelfs wel mijn eerste grote liefde. Als klein jongetje lag ik stiekem in mijn bed naar hem te luisteren. De kamer werd alleen verlicht door de digitale cijfers die de tijd aangaven. Als ik het toestel voor mijn ogen hield, kon ik bij het vage schijnsel van de wekkerradio de aanduidingen ‘Schlummer’ en ‘Schlaf’ lezen. Alle magie zat in dit Duitse apparaat. Alle magie kwam daaruit.

Zolang als ik mij kan herinneren, luister ik naar de radio. De hele dag stond hij aan: de Ko de Boswachtershow, Het zwarte gat, Radio Romantica, Welingelichte Kringen, God zij met ons, Hoor Haar, De Dik Voormekaar Show, Bal op ‘t dak, Tussen start en finish, Een uur Ischa, De toestand in de wereld, Music Hall, Het Gebouw, Argos, het Weeshuis van de hits, Borát, In de Rooie Haan, de Tros Nieuwsshow, OVT, Vroege Vogels, Langs de lijn, Radio Bergeijk, Ronflonflon, Het Marathoninterview, De Avonden.

Soms ergerlijk, maar nooit saai

De radio was geen voorspelbare vriend. Gelukkig niet. Hij vertelde verhalen waarvan ik niet wist dat ze me interesseerden: over occulte zaken in Het zwarte gat, feminisme bij Hoor Haar! en liefdesperikelen in Radio Romantica. Hij kwam soms reactionair uit de hoek met de praatjes van G.B.J. Hiltermann (mijn vader wilde dan het toestel uitzetten, maar ik kon er gebiologeerd naar luisteren) dan weer opruiend links met In de Rooie Haan. Hij kon me aan het lachen maken met Ischa Meijer, André van Duin en Wim T. Schippers. Ieder uur van iedere dag deed hij iets anders.

Hij leerde me nieuwe muziek kennen, introduceerde schrijvers in mijn leven die voorlazen uit eigen werk en wetenschappers die zochten naar antwoorden op levensvragen. In Het Marathoninterview werden mensen van wie ik soms nog nooit had gehoord vijf uur (!) lang geïnterviewd. De radio was boeiend, verrassend, soms ergerlijk, maar nooit saai. Daarom hield ik van hem.

Nooit meer een verrassing

In de loop der jaren heb ik mijn vriend zien veranderen. Daar kon hij zelf niks aan doen, dat kwam door zijn bazen. De zendermanagers, die uit onderzoekjes begrepen dat mensen helemaal niet verrast willen worden. Mensen willen altijd hetzelfde. Daarom is McDonald’s zo succesvol. Als je de gele M ziet, dan weet je wat je krijgt, overal op de wereld.

De gele M van de radio heet horizontale programmering: elke dag op dezelfde tijd hetzelfde programma. Nooit een verrassing. Iedere dag van 6.00 tot 9.30 het Radio 1 Journaal en direct erna Spraakmakers. En altijd dezelfde middle-of-the-roadmuziek. Mijn vriend is een voorspelbare, saaie sukkel geworden.

Mangiare!

Er is één programma dat zich één uurtje in de week onttrekt aan de horizontale verlangens van de managers: Mangiare!. Een vrolijke, licht-chaotische eettalkshow die leerzaam is, eetlust opwekt én reuze belangrijk is. Of moet ik u (en de baas van Radio 1) nog uitleggen dat er een directe relatie is tussen de boerenprotesten en ons voedselsysteem? Hoe belangrijk kennis van voeding is om de obesitasepidemie tegen te gaan? Welke rol voeding bij eenzaamheid speelt? Praten over eten, over koken én over genieten is belangrijker dan ooit. Maar volgens de zendermanager ‘past Mangiare! niet in het profiel van de nieuws- en sportzender’.

Dag vriend, we hadden het goed samen.

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant

Deel dit bericht

Liefde voor kinderen was voor badmeesters geen vereiste. Liefde voor grote mensen kennelijk ook niet

TeunColumns & verhalen

Zwemmende man in zwembad

‘Nou, meneer Van de Keuken…’ Ik kwam aan bij het ondiepe gedeelte van het 50 meterbad, waar een oudere vrouw mij stond op te wachten. Haar gelaat was doorgroefd met zure trekken: ‘U zat ooit in zo’n clubje voor een betere zwemtechniek…’ Ze lachte haar vreugdeloze lach: ‘…maar daar is niets van te zien. Dit lijkt nergens op.’ Er ontstond een kleine kortsluiting in mijn hoofd. Waarom zei ze dat? Wat moest ik antwoorden? Wie was ze? Op die laatste, niet hardop gestelde vraag, kwam direct antwoord: ‘Ik ben badmeester bij het Zuiderbad.’ ‘Nou bedankt voor uw opbeurende commentaar’, stamelde ik.

Ik dacht aan al die badmeesters in mijn jeugd die schreeuwend aan de rand van het bad stonden met hun grote zwemhaken. Liefde voor kinderen was geen vereiste. Voor grote mensen kennelijk ook niet: ‘Ja precies’, bitste ze terug, ‘laat maar eens wat zien. Hup hup!’

Hulpeloos, sneu

Wat moest ik nou? Ik wilde me verlossen van dit ongewenste gezelschap, maar ik kon toch ook niet wegzwemmen onder haar vorsende blik? Extra goed mijn best doen zeker, omdat dit secreet dat van mij verlangde. Ik zwom een paar slagen, werd chagrijnig en boos en draaide me om: ‘Dit is echt idioot wat u doet. Zo onaardig!’ Het klonk niet zo scherp als ik gehoopt had. Eerder hulpeloos. Sneu. De vrouw reageerde niet. Nog een paar slagen verder zag ik dat ze het bad had verlaten. Haar taak zat erop.

Al zwemmend denk ik me suf

Ik volg nu al een paar jaar achterelkaar borstcrawl-les. Eerst met alleen een goede vriend, daarna in een groepje en nu, omdat al die andere lessen niet genoeg opleverden, privé. Ik vind het ontzettend moeilijk, maar ik wil het kunnen: lichaam lang maken, de arm ontspannen over het water laten gaan en op dezelfde diepte en breedte het water insteken waar de andere arm is. Roteren vanuit de romp! De liggende arm pas uit het water halen als de ander is gearriveerd. Niet molenwieken. Het hoofd op het water laten dobberen en als aan een touwtje rustig opzij bewegen om onder de gehaakte arm door te ademen.

Al zwemmend denk ik me suf. Steeds gaat er iets mis. Dan corrigeer ik mijn slag en probeer er het beste van te maken. Niet aan het einddoel denken. Elke kleine vooruitgang is een overwinning. Na een halve baan crawl, doe ik weer een paar slagen schoolslag. Even ontspannen. Zou de boze badmeester me juist toen hebben gadegeslagen?

Ongevraagd onplezierig commentaar

Ik doe dit voor mezelf. Er is geen competitie. Er is geen buitenwereld. Maar nu denk ik alleen maar aan dat mens. Misschien heeft ze gelijk. Mijn zwemmen lijkt nergens op. Ik kan net zo goed stoppen. Die lessen kosten heel veel geld.

Toch zwem ik door. Nu ook weer boos dat ik me zo laat opnaaien. Ik probeer me weer op mijn slag te concentreren. Waarom, denk ik steeds. Waarom zou je iemand die zijn best doet en daar verder niemand mee schaadt de les willen lezen? Wij Nederlanders zijn goed in dit soort ongevraagd onplezierig commentaar. Maak ik me er niet zelf ook regelmatig schuldig aan? Stom. Ik neem me voor aardiger te zijn en me minder van de meningen van anderen aan te trekken.

Ik ben toe aan vakantie. Lekker zwemmen. Tot over vier weken, lieve lezers!

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant

Deel dit bericht

Boeren kunnen ons toch niet dwingen vlees te eten?

TeunColumns & verhalen

Man in pak met een banaan in de hand

Jaren geleden voerde de VPRO-kantine de ‘meatless monday’ in: op maandagen werd er geen vlees geserveerd. Dit was onderdeel van een sociaal experiment voor een televisieprogramma. De immer progressieve medewerkers van de immer progressieve omroep kwamen massaal in opstand. Heel veel mensen riepen ‘schande!’ en ‘vrije keuze!’.

Maar, lieve vleeseters, vanwaar die kwaadheid?

Bij het fijne restaurantje onder aan de dijk bij mij in de buurt hetzelfde verhaal. Eén dag in de week is dat volledig vegetarisch. Maar ‘als mensen per se vlees willen eten en dat van tevoren aangeven, dan kan dat’. Wat bezielt die mensen? Waarom is het zo erg een keer géén vlees te eten? Zijn ze bang voor groenten? Vinden ze het een gekker idee iets te eten wat in de aarde is gegroeid dan een geslacht beest? Als het eten lekker is zonder dier, dan is het toch gewoon lekker? Veel verstokte carnivoren zullen na een heerlijke melanzane alla parmigiana of een verrukkelijke aloo gobi het vlees niet hebben gemist.

Vegetariërs en veganisten roepen agressie op bij vleeseters. Onder een bericht over de onlangs gepresenteerde 3D-geprinte biefstuk van restaurant Loetje verschenen vele verontwaardigde berichten. Mensen vonden het belachelijk, vreesden dat ze straks allemaal gedwongen werden vegetariër te worden en plaatsten foto’s van de enorme lappen vlees die zij soldaat gingen maken: drie ons per persoon, lekker bloederig. Maar, lieve vleeseters, vanwaar die kwaadheid?

Is hij beter dan ik?

Loetje is een hypercommerciële biefstukketen die door het groeiend aantal vegetariërs een deel van de markt mist. Om die klanten te kunnen bedienen en dus meer geld te kunnen verdienen, hebben ze die vegavariant ontwikkeld. Dat is geen idealisme, dat is zakelijk. Je hóéft hem niet te eten, maar stel nou dat hij net zo lekker is als een dood dier, zou dat niet juist hartstikke fijn zijn? Dat scheelt een hoop mest, dierenleed en de uitstoot van broeikasgassen en stikstof. Daarom kan ik ook niet wachten op kweekvlees.

Als ik in het gezelschap van een vegetariër vlees eet, dan voelt dat niet fijn. Als ik hem dan zo tevreden zie kauwen op zijn bloemkoolsteak, dan voel ik soms een klein beetje woede opkomen. Zelfs als hij niks zegt over mijn keuze. Wie denkt hij wel dat hij is om zich zo moreel superieur te gedragen? Is hij soms beter dan ik? Zijn keuze voelt als een terechtwijzing van de mijne. Die komt aan, omdat ik diep van binnen weet dat hij gelijk heeft. Om allerlei redenen is het beter minder of geen vlees te eten. Zou het kunnen dat die mensen die zo kwaad worden op Loetje dit ergens in hun hartjes ook zo voelen?

Boeren kunnen ons niet dwingen

Verschillende koffiezaakjes in Amsterdam hebben de extra toeslag die tot nu toe werd geheven op plantaardige alternatieven voor melk afgeschaft. Een havercappuccino is nu dus even duur als eentje met koemelk. Eerlijk, zou je zeggen. Waarom zou je een concurrentievervalsende maatregel die koemelk voortrekt in stand houden? De klanten hebben nu een vrije keuze. Boeren uit de omgeving zijn het er niet mee eens: ‘Melk komt uit een dier, niet uit een plant.’

Een groot deel van de klanten denkt er (helaas voor hen) anders over. Daar is weinig aan te veranderen. Boeren kunnen ons toch niet dwingen dierlijke producten te eten en drinken?

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant

Deel dit bericht

BN’ers weren uit gokreclames lost niks op

TeunColumns & verhalen

Screenshot Reclame Koning Toto met Andy van der Meijde

Nooit meer BN’ers in gokreclames, een vreemde gewaarwording. Je kunt natuurlijk zeggen dat die schreeuwerige, schijtlollige oud-voetballers en voormalige politieagentes die verwoede pogingen deden ons een gokverslaving aan te smeren irritant waren, maar ze hoorden er toch ook een beetje bij. Nu ze er niet meer zijn, word ik een beetje weemoedig. Alles gaat zo snel en alles gaat zo snel voorbij. Nooit meer Wesley, Andy, Sjaak, Raffie en al die andere krukkige acteurs.

BN’ers

In het staatsblad wordt omschreven welke BN’ers van de spotjes moeten worden uitgesloten: ‘individuele beroepssporters, een team bestaande uit beroepssporters en andere rolmodellen’. Wie zijn die andere rolmodellen? Dat zijn ‘personen die publieke bekendheid genieten en personen die hun bekendheid ontlenen aan activiteiten in het heden of het verleden als:

  1. beroepssporter, sporttrainer of een andere persoon met een publiek zichtbare rol binnen de beroepssport;
  2. acteur, regisseur, presentator, zanger of een andere persoon met een publiek zichtbare rol binnen de televisie-, film-, theater-, muziek- of andere entertainmentindustrie;
  3. model, modeontwerper of een andere persoon met een publiek zichtbare rol binnen de schoonheid- of mode-industrie;
  4. auteur, journalist, columnist, influencer, vlogger, blogger of een andere persoon met een publiek zichtbare rol vanwege het gebruik van gedrukte, audiovisuele, auditieve, online of andere media;
  5. vertegenwoordiger van een politieke partij of een andere persoon met een publiek zichtbare rol binnen de landelijke, regionale of lokale politiek;
  6. frequente deelnemer aan kansspelen of een andere persoon met een publiek zichtbare rol op het gebied van kansspelen;
  7. personen die zichtbaar een ambt of beroep vervullen of uitbeelden waarvan een maatschappelijke voorbeeldfunctie uitgaat.’

Volstrekt onbekende mensen

Is dit geen heerlijke lijst? Je ziet helemaal voor je hoe zoiets gaat. De minister trommelt zijn ambtenaren op en zegt: ‘Ik wil dat in die gokreclames alleen volstrekt onbekende mensen optreden. Stel voor mij een lijst samen met alle beroepsgroepen met bekende mensen!’ De ambtenaren gaan ijverig aan de slag: ‘acteur!’ roept er één, ‘vlogger!’ schreeuwt de volgende en een derde gooit ‘model!’ in de groep.

De wat oudere bedaagde ambtenaar scherpt het geheel nog slim aan met het zinnetje ‘met een publiek zichtbare rol’. Om het helemaal dicht te timmeren draagt hij ook nog ‘personen die zichtbaar een ambt of beroep vervullen of uitbeelden waarvan een maatschappelijke voorbeeldfunctie uitgaat’ aan. Knap werk.

Maar valt daar ook de topkok onder? En de starchitect? Anders zou ik Rem Koolhaas meteen vragen voor Koning Toto. En wat nu als de volstrekt onbekende acteurs door die reclames opeens bekend worden? Dat is Harry Piekema van Albert Heijn en Frank Lammers van Jumbo ook overkomen. Moeten ze dan stoppen?

Je zou gokreclames ook kunnen verbieden

Reclames zijn op aarde om mensen ertoe te verleiden de aangeprezen waar te kopen. De minister staat die ook voor gokken toe, als ze maar niet te succesvol zijn. Daarom worden BN’ers geweerd. Maar ook zonder BN’ers kun je nog mooie spotjes maken die mensen verleiden. Met mooie beelden, opzwepende muziek en aantrekkelijke (onbekende) mensen. Kunnen daar niet ook regels voor komen, zoals: ‘In gokreclames moet elk shot scheef en overbelicht zijn. Er mag alleen gebruik worden gemaakt van schelle atonale muziek. Alles wordt nagesynchroniseerd in het Duits.’

Als we de regels maar genoeg aanscherpen, krijgen we uiteindelijk spotjes die alle klanten wegjagen. Geniaal, maar ook omslachtig. Je zou de gokreclames ook kunnen verbieden.

Afbeelding: Screenshot reclame Koning Toto met Andy van der Meijde

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant

Deel dit bericht

Een Nederlandse baas doet niets

TeunColumns & verhalen

Vrouw wijst met haar wijsvingers naar iets of iemand anders

‘Heb je managementboeken nodig en wil je ze snel in huis hebben?’ Op de radio heb ik regelmatig een spotje voorbij horen komen, waarin mij dit werd gevraagd. Iedere keer als deze vraag werd gesteld, riep ik hard ‘Nee!’ Telkens iets luider en met iets meer irritatie, omdat het mannetje van de radio maar bleef aandringen. Inmiddels lijkt het erop dat de radiocolporteur is gestopt met zijn heilloze missie, maar het zou ook kunnen dat ik het toestel toevallig nooit meer aanzet op het moment dat hij zijn tergende werving door de ether slingert.

Doe niets

Het is een gekke reclame. Wie heeft er nou op stel en sprong – vandaag besteld, morgen in huis – managementboeken nodig? Het komt nogal paniekerig over. Alsof je net gehoord hebt dat je morgen de afdeling gaat leiden en geen idee hebt hoe je dat moet doen. Snel vakliteratuur kopen, opzuigen en implementeren! Iemand die zo snakt naar een managementboek, kan geen goede leider zijn.

Terwijl leidinggeven in Nederland heel simpel is: doe niets. Alles wat je als baas in Nederland moet kunnen is niets. Meer niet. Lullig voor de goed florerende bedrijfstak, maar de hele industrie van symposia en boeken over leiderschap kan in de prullenbak. Bedrijven spiegelen aan succesvolle sportcoaches? Onzin. Dacht u dat Louis van Gaal de financiële administratie van een middelgrote gemeente zou kunnen leiden? Een basisschool? Een departement? Natuurlijk niet. Die houdt het geen dag uit. Van Gaal doet te veel. Een Nederlandse leider moet niks doen.

Kraak noch smaak

Soms zie je baasjes waarvan je je afvraagt hoe ze ooit op hun positie zijn gekomen. In mijn vak ben ik ze ook vaak tegengekomen. Ze begonnen ongeveer tegelijk met mij ergens te werken en vielen nooit op. Geen enkele originele gedachte, nooit de collega’s of de baas (zeker niet de baas!) tegen de haren in strijken. Kraak noch smaak. Aardig, maar onopvallend. Stilzitten, meeveren en opeens waren ze eindredacteur, hoofdredacteur, omroepbaas. Hij?! Maar die kon toch helemaal niks? Er liepen daar toch veel interessantere en inspirerender mensen rond? Die gozer deed nooit wat!

Precies. Zo word je baas.

Doorgaan met niets doen

Als je eenmaal baas bent geworden, is het zaak om door te gaan met niets doen. Als je iets doet, loop je het gevaar kritiek te krijgen. Dat kan je uiteindelijk de kop kosten. Je moet onkwetsbaar blijven. Mocht er onverhoopt toch eens iets gedaan moeten worden, dan geef je die taak aan een ondergeschikte. Mislukt het, dan krijgt die alle schuld. Lukt het, dan kun je alsnog met de eer strijken. Op deze manier kun je heel lang baas blijven. Mark Rutte is er al bijna de langstzittende premier van Nederland mee geworden. Hij zit en doet niks, terwijl anderen die zo stom waren wel iets te doen, allang het veld hebben geruimd.

Nu met de boeren en stikstof is het weer zo. In den lande hoor je een (bescheiden) roep om de premier. Die zou de natie moeten toespreken en keihard moeten opkomen voor bedreigde Kamerleden en ministers. Hij doet het niet. Tuurlijk niet. Als het helemaal misgaat met dit dossier dan kan stikstofminister Van der Wal haar biezen pakken. En Rutte? Die blijft zitten. Hij heeft immers niets gedaan.

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant

Deel dit bericht

Bijna alle producten die ik op Instagram voorbij zie komen wil ik onmiddellijk hebben

TeunColumns & verhalen

toetsenbord met toets met de tekst Add to cart

Zal ik vandaag van klein naar groot of andersom? Echte intellectuelen kiezen graag voor het laatste. Eerst een theorie ontvouwen over de wereld of de mens, daarbij nog een paar grote denkers citeren – het liefst in het Frans of Duits – om eventueel aan het einde van het vertoog (dat is highbrow voor betoog) nog even van de Olympus af te dalen en enkele alledaagse voorbeelden van het gepresenteerde exposé te geven. De praktijk als bewijs van de theorie.

Andersom is gebruikelijker. Je begint met een paar grappige of schrijnende voorbeelden waardoor de lezer opveert: ‘verdomme, Els, dat hebben wij ook!’ om de lezer vervolgens steeds verder in het betoog te trekken. Hoe dieper Els en haar man de fuik inzwemmen, hoe onontkoombaarder de conclusie lijkt: de mens/wereld is verrot. Of mooi, dat kan ook. Dat hangt van de fuik af. Om bij de gewenste onontkoombare conclusie uit te komen, moet je de juiste beginvoorbeelden kiezen.

Marketing

Vandaag ga ik van groot naar klein. Ook om mezelf in te dekken, maar dat snap je straks vanzelf. Daar gaat ie: je hebt mensen die denken dat ze niet door reclames worden beïnvloed. Ze zijn autonome wezens die geheel zelfstandig hun beslissingen nemen. Die zijn vaak tegen het verbieden van reclames voor alcohol, gokken en fastfood, omdat dat ‘betutteling’ zou zijn. Waarom? Omdat de mens recht heeft op reclame? Als reclame geen effect had, dan zou een verbod erop de autonomie van de consument ook niet aantasten. De industrie pompt natuurlijk miljarden in reclames omdat ze wél effect hebben. Als producten regelmatig worden aangeprezen, dan willen we ze hebben.

Ik in ieder geval wel. Door mijn werk ken ik de marketingmachinaties van de industrie. Toch ben ook ik er totaal niet tegen bestand. Bijna alle producten die ik op Instagram voorbij zie komen, wil ik onmiddellijk hebben. Dankzij vernuftige algoritmes komen precies die artikelen voorbij waar ik gevoelig voor ben. Spullen waarvan ik nog nooit gedroomd had, dacht ik.

Ik had het totaal niet nodig

Zo kocht ik al peperdure wollen sokken en onlangs een schitterend schrift. Een leren hoes waar je allemaal verschillende soorten cahiers en mapjes en dingetjes kunt insteken. Ik had het totaal niet nodig, maar tegelijkertijd is het precies waar mijn ziel naar verlangde.

Ik heb een paar weken weinig werk. Ik zou ervan kunnen genieten, maar ik word er rusteloos van. Tijdelijk onnuttig zijn maakt me somber. Ondanks een atheïstische opvoeding heeft de oude Calvijn mij toch weten te raken. Het zware gat probeer ik te vullen met sporten. Je bent bezig, het lichaam wordt strak en er komen stofjes vrij. Daarnaast moeten lege momenten in mijn freelancerbestaan worden gevuld met plannen voor de toekomst. Ideeën voor programma’s, boeken en podcasts om toekomstige leegtes te vullen. Maar waar vind je iets in het niets in jezelf om te denken en te creëren?

In het schrift! Dat heeft lege bladzijden, blanco, met ruitjes en met lijntjes. Daarop kan ik ideeën, invallen en misschien zelfs kleine verhaaltjes opschrijven. Het schrift wordt de katalysator van de inspiratie. Dat snapte het algoritme.

Al een week staart het schrift mij aan. Nog maagdelijk mooi. Wanneer zal ik het bezoedelen met mijn onleesbare handschrift? Het maant en vermaant: ‘Kom en schrijf!’ Misschien morgen.

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant

Deel dit bericht

Na bijna twaalf jaar premierschap krijg je ineens ideeën. Dat was niet de afspraak, Mark

TeunColumns & verhalen

Verdrietige clown in een openstaande koffer

Beste Mark,

Laat me je bedanken voor wat je voor de partij hebt gedaan. Bijna twaalf jaar premier, Mark! Dat is ongekend. In die tijd ben je echt in je rol gegroeid: beter haar, betere bril, de witte hemdsmouwen steeds iets daadkrachtiger opgerold. Ik weet niet of ze er echt zaten, maar je wekte de indruk dat er daaronder een paar stevige spierballen opbolden. Niet te stevig natuurlijk, want het moest wel beschaafd blijven. En vooral herkenbaar. God Mark, wat ben jij in die tien jaar herkenbaar geworden en gebleven. Met je fiets, je appeltje, je casual hoodies en je bezoek aan de Toppers. Dat hebben we met zijn allen uitstekend gedaan.

Beeldvorming, Mark

Het mooiste aan jou is je lach. Dat zullen de mensen in het land ook beamen. Elk gepruttel uit de oppositie wist je weg te lachen. God wat een stumpers. Dat was zo mooi man! Je ging niet eens op hun argumenten in. Gewoon, wahahaha! Goud.

Stel je eens voor hoe mensen thuis op de bank hiernaar keken: die zagen een woedende Jesse, Lodewijk, Lilianne of Lilian of hoe die types allemaal heten, als dreinende kinderen tekeergaan tegen een aardige, nette, vrolijke man. Wie denk je dat dan de sympathie kreeg? Juist, jij! De meeste kiezers gaat het niet om de inhoud. Beeldvorming, Mark. Die hadden we jarenlang in de pocket.

Wij zijn winnaars

Daarmee hebben we veel kunnen doen voor liberaal Nederland. Voor de ondernemers, de huizenbezitters, de multinationals en toch ook de boeren. De economie draaiden jarenlang als een tierelier en de mensen die het goed hadden, hebben het beter gekregen tijdens jouw premierschap.

Die mensen, dat zijn wij. Denk je dat wij ons bekommeren om Groningers met kapotte aardbevingshuizen, om studenten zonder basisbeurs, om asielzoekers die buiten moeten slapen, om jongeren die geen betaalbaar huis kunnen vinden, om flexwerkers met kutcontractjes? Om mensen met buitenlandse namen die slachtoffer werden van de toeslagenaffaire? Nee, Mark. Want die mensen zijn wij niet. Wij zijn winnaars. Hadden die losers maar harder moeten werken. Of rijkere ouders moeten hebben, haha. Grapje.

Je hebt ons jarenlang goed gediend. Je was onze nuttige idioot. Je had geen visie, wilde macht en je bezat precies het saaie soort charisma waar Nederlanders gek op zijn. Ideaal voor ons om mee te werken. Jaar na jaar voerde je zonder morren onze neoliberale agenda uit. Als jij je baantje maar mocht houden.

Dat was niet de afspraak, Mark

Jammer dat je opeens in jezelf ging geloven. Dat je ging denken dat je echt de baas was. Een met ideeën zelfs: na jarenlang briljant pappen en nathouden, wil je opeens stikstof aanpakken en de veestapel inkrimpen. Dat was niet de afspraak, Mark.

Zaterdag hebben we je teruggefloten. Het was kantje boord, maar 51 procent van het VVD-congres heeft tegen jouw stikstofbeleid gestemd. Net als bij Brexit en Trump waren het vooral de jongeren die anders stemden. Laat ze naar D66 gaan met hun groene waanbeelden. De VVD blijft de VVD. We gaan lekker hard rijden en het stikstofdebat weer jarenlang traineren met onderzoeken en commissies. Gezond rechts.

Van jou is helaas weinig over. De opgerolde mouwtjes hangen er slapjes bij en je gulle lach is verbeten. Als de beeldvorming niet meer werkt, wat hebben we dan nog aan je, Mark?

Deze column verscheen eerder in de Volkskrant

Deel dit bericht